Anti-zonnebrandcrèmes: zijn ze wel of niet veilig?

Naar aanleiding van meerdere onderzoeken de afgelopen jaren, waaronder een rapport van de Amerikaanse Environmental Working Group (EWG), verschijnt er wel eens een bericht over schadelijke stoffen in anti-zonnebrandmiddelen. Dit brengt mensen in verwarring: moet je nu wel of niet met anti-zonnebrandmiddelen smeren?

Ingrediënten in anti-zonnebrandmiddelen

Anti-zonnebrandmiddelen bestaan uit verschillende ingrediënten. Chemische zonnefilters kunnen in de huid trekken en absorberen vervolgens UV-straling. Fysische fillers blijven bovenop de huid liggen en vormen zo een beschermlaag tegen UV-straling.

Chemische stoffen

Veel onderzoeken zijn met name kritisch over het gebruik van chemische stoffen, omdat deze worden opgenomen door de huid en zo in je bloed (en moedermelk) terecht kunnen komen of je huidcellen kunnen beschadigen. Voorbeelden van chemische stoffen in anti-zonnebrandproducten zijn oxybenzone (benzophenone-3) en vitamine A (retinyl palmitate). Oxybenzone is een chemische (biologische) zonnefilter die een (beperkte reeks) UVA-stralen tegenhoudt. Je kunt dit filter ook wel eens tegenkomen onder de commerciële namen Eusolex 4360 of Escalol 567. Volgens verschillende onderzoeken heeft oxybenzone invloed op de hormoonhuishouding. De chemische stof retinyl palmitate zou de groei van huidkanker bij proefdieren versnellen. Kleine kanttekening: de groei van huidkanker versnelt bij mensen sowieso zonder het gebruik van anti-zonnebrandmiddelen.

Fysische stoffen

Aangezien fysische fillers bovenop de huid blijven liggen, komen er geen schadelijke stoffen in je lichaam terecht. Het nadeel is wel dat je deze laag ziet liggen; de huid blijft wit na het insmeren. Dan is nanotechnologie een oplossing, waarbij de stofdeeltjes zo klein worden gemaakt dat ze geen witte laag achterlaten. Ook hier is het weer de vraag of dit veilig is. Nederland investeert momenteel in Europees en wereldwijd onderzoek naar de voordelen en risico’s van nanotechnologie.

Standpunt KWF Kankerbestrijding

Volgens het KWF spelen anti-zonnebrandmiddelen een belangrijke rol bij de bescherming van de huid tegen de schadelijke effecten van teveel UV-straling. Ook leveren ze een bijdrage aan de preventie van huidkanker. Naar schatting krijgen 50.000 Nederlanders per jaar huidkanker.

Bovendien zijn kankerverwekkende stoffen voor gebruik van cosmetica verboden in de huidige Europese wetgeving. Volgens het KWF kun je er dus van uitgaan dat zonnebrandcrèmes veilig zijn.

Veiligheid anti-zonnebrandmiddelen

Volgens het KWF worden ingrediënten in anti-zonnebrandmiddelen uitvoerig door de fabrikant getest op veiligheid. De beoordeling is toegankelijk voor de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit en de nationale autoriteit die cosmeticaproducten zoals zonnebrandcrème op de markt controleert op veiligheid. De meeste ingrediënten worden niet door het lichaam opgenomen en vormen daarom geen risico bij het gebruik. Daarnaast worden alleen UV-filters gebruikt die zijn beoordeeld door een Europees onafhankelijk wetenschappelijk comité en mogen kankerverwekkende stoffen niet in cosmetica worden gebruikt.

Verder hebben anti-zonnebrandcrèmes de voorkeur. Via anti-zonnebrandsprays kun je namelijk (schadelijke) stoffen inademen. Bovendien smeer je met een spray meestal een minder dikke laag op de huid, wat soms minder bescherming dan een crème biedt.

Etiketten bestuderen

Een anti-zonnebrandmiddel mag dan negatief in het nieuws komen, de voordelen wegen zwaarder dan de nadelen. Al met al bieden ze bescherming tegen ernstige aandoeningen zoals huidkanker. Raak je toch ongerust door de negatieve berichtgeving? Neem dan het zekere voor het onzekere en kies voor een anti-zonnebrandproduct zonder SD alcohol, parfum en oxybenzone, maar wel met een UVA- en UVB-filter, zonnefilters als zinkoxide, titaniumdioxide en Tinosorb.

Auteur: Jacqueline van Kuler
Bronnen: KWF, WebMD, Dr. Jetske Ultee, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Pagina laatst aangepast op 26 juni 2019


Gerelateerd