Zuigflescariës

Wat is zuigflescariës?

Zuigflescariës is tandbederf dat kort na de doorbraak van tanden begint in de boventanden van de zuigeling of peuter. Het duidt op het bestaan van gaatjes in tanden en kiezen. Meestal worden eerst de boventanden aangetast gevolgd door de boven en onderkiezen. De ondertanden worden meestal gespaard, omdat de tong over deze tanden ligt. Zuigflescariës ontstaat als het gebit van een peuter regelmatig met koolhydraten in aanraking komt. Uit koolhydraten wordt suiker gemaakt, dat weer door bacteriën in zuur kan worden omgezet. Dit zuur lost het tandglazuur op en veroorzaakt uiteindelijk gaatjes. De koolhydraten krijgt een kind vaak binnen in de vorm van bijvoorbeeld flesvoeding (melk, vruchtensap, suikerwater) of zoete medicijnen.

Symptomen zuigflescariës

Zuigflescariës kan pas ontstaan na het doorkomen van de tanden en kiezen. In ernstige gevallen gebeurt het dus ook in volgorde van doorkomen. Het ontstaan van gaatjes (cariës) begint met een dof witte verkleuring. Uiteindelijk kan deze verkleuring geel, bruin en tenslotte zwart worden.

Bij zuigflescariës kunnen de tanden en kiezen pijnlijk zijn, bijvoorbeeld bij eten en tandenpoetsen. In het laatste stadium zijn de tanden en kiezen zover aangetast dat er zomaar stukjes afbreken.

Hoe ontstaat zuigflescariës?

Er bestaan bacteriën die tandbederf veroorzaken (Streptococcus Mutans). In normale hoeveelheden is er niets aan de hand, maar bij een kind met zuigflescariës zijn er teveel van deze bacteriën aanwezig.

Deze bacteriën kunnen van suiker, een zuur maken. Dit zuur tast het tandglazuur aan. Hoe vaker een kind iets eet of drinkt dat suikers bevat, hoe actiever de bacteriën worden. Hierdoor wordt weer meer zuur geproduceerd en dus schade aangericht aan het gebit (gaatjes).

Speeksel is belangrijk voor het herstel van de schade. Normaal heeft het speeksel de tijd, om tussen de consumpties door, de schade te herstellen. Maar als een kind vaak op een dag wat eet of drinkt, heeft het speeksel hier geen tijd voor. De schade is dan nog niet hersteld of het door de bacteriën geproduceerde zuur, tast het tandglazuur alweer aan.

Het is daarom ook beter om uw kind geen fles mee in bed te geven. Tijdens het slapen staat de speekselproductie op een laag pitje en kan nog meer schade worden aangericht. Het herstel daarvan verloopt dan dus ook een stuk trager.

Is het ernstig en wat kunt u verwachten?

Zuigflescariës kan grote gevolgen hebben voor het gebit en de gebitsontwikkeling van een kind. Het kan pijnlijk zijn bij het poetsen en kauwen. Om het ontstaan van gaatjes te stoppen moet een kind behandeld worden bij de tandarts. De behandelingen zijn over het algemeen goed te doen.

Soms ontwikkelen kinderen een angst voor de tandarts. Het komt ook voor dat kinderen op latere leeftijd problemen krijgen, als gevolg van tanden en kiezen die zijn getrokken. Er is dan bijvoorbeeld geen ruimte voor de groei van bepaalde tanden van het volwassen gebit.

Het is dan ook belangrijk, als uw kind zuigflescariës heeft, de behandeling hiervan zo snel mogelijk uit te laten voeren. Het voorkomen van zuigflescariës is uiteraard het beste.

Wanneer naar de huisarts?

De tandarts kan het ontstaan van gaatjes stoppen. Soms is het nodig om de aangedane tand of kies te trekken. De tandarts zal u tijdens uw bezoek aan hem, ook uitleggen hoe u de gaatjes in de toekomst kunt voorkomen (zie ook: algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen).

Wat kunt u er zelf aan doen?

U kunt zelf weinig doen aan zuigflescariës. Het enige wat u kunt doen, is voorkomen dat de zuigflescariës ontstaat. Voor informatie hierover kunt u altijd terecht bij uw tandarts of consultatiebureau.

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

Voorkomen is beter dan genezen. Als u kind al zuigflescariës heeft, is het van belang op het proces zo snel mogelijk tot stilstand te brengen om zo de schade te herstellen.

  • Leg uw kind nooit in bed met een flesje dat een vloeistof met koolhydraten bevat. Dit zijn alle vloeistoffen, met uitzondering van zuiver drinkwater. Ook aangelengd vruchtensap of melk kan leiden tot gaatjes.

  • Gebruik overdag geen zuigfles met bijvoorbeeld vruchtensap of suikerwater om uw kind rustig te houden. Een fles met alleen water kan wel.

  • Doop een fopspeen nooit in suiker of zoete vloeistoffen.

  • Voeg geen suiker toe aan de voeding van uw kind.

  • Poets de tanden en het tandvlees van uw kind na elke voeding (met peutertandpasta), zodra het eerste tandje doorbreekt. Liefst voor het slapen. Vanaf 2 jaar tweemaal per dag.

  • Ga met uw kind naar de tandarts wanneer het eerste tandje doorkomt.

  • Leer uw kind vanaf ongeveer 9 maanden, zodra hij rechtop kan zitten, om uit een drinkbeker te drinken.

  • Geef uw kind niet vaker dan 6 tot 7 keer per dag iets te eten of te drinken. Bij 3 maaltijden dus niet meer dan 3 tot 4 tussendoortjes.

  • Plan overdag vaste drinkmomenten in en laat uw kind de inhoud in korte tijd drinken.

  • Zorg ervoor dat uw kind de juiste hoeveelheid fluoride binnenkrijgt.

In samenwerking met

Drs. G.J. Kalken (auteur) Drs. D. van der Vlies (consulent)

Wetenschappelijke verantwoording

  • Weerheijm KL, Veerkamp JSJ, Keulen CM, Van Amerongen WE & Wassenbert HJW. Zuigflescariës: wolf in schaapskleren. Houten/ Diegem: Bohn, Stafleu, Von Loghum, 1995.

Pagina laatst aangepast op 1 juli 2019


Gerelateerd