Vlokkentest

Wat is een vlokkentest?

Een vlokkentest is een prenataal onderzoek. De medische term hiervoor is chorionbiopsie. De test kan vroeg in de zwangerschap worden gedaan om afwijkingen bij het ongeboren kindje op te sporen.

Bij een vlokkentest wordt weefsel (vlokken) uit de moederkoek (placenta) gehaald

  • via de vagina met een slangetje of dun haptangetje of
  • via de buik met een naald

De cellen van de vlokken worden in het laboratorium onderzocht op afwijkingen aan de chromosomen. De cellen van de moederkoek lijken op de cellen van het ongeboren kindje.

Een vlokkentest via de vagina wordt uitgevoerd vanaf een zwangerschapsduur van ongeveer elf weken. Een vlokkentest via de buikwand wordt meestal uitgevoerd vanaf een zwangerschapsduur van ongeveer twaalf weken.

Waarom wordt een vlokkentest gedaan?

Meestal begint de arts of de verloskundige over de vlokkentest, als u een verhoogde kans heeft op het krijgen van een kindje met afwijkingen aan de chromosomen. Met de vlokkentest kunnen deze afwijkingen opgespoord worden. U kunt zelf kiezen of u de test wilt laten doen.

Een goede uitslag van de vlokkentest geeft geen garantie dat uw kindje geen aangeboren afwijkingen heeft. Een vlokkentest kan namelijk lang niet alle afwijkingen aantonen. Ook als de uitslag van de vlokkentest geen afwijkingen laat zien, kan uw kind toch geboren worden met een aangeboren afwijking.

Het is belangrijk om, voordat u een vlokkentest laat doen, te bedenken wat u wilt doen als er een afwijking bij uw kind wordt aangetoond. U komt dan voor de moeilijke en ingrijpende keuze te staan om de zwangerschap wel of niet af te breken.

Als u zeker weet dat u de zwangerschap niet af wilt breken, is het belangrijk uzelf af te vragen of u dan wel een vlokkentest moet laten doen. U kunt daar natuurlijk altijd over praten met degene die uw zwangerschap begeleidt.

Wanneer komt u in aanmerking voor een vlokkentest?

In Nederland is afgesproken dat zwangere vrouwen met een verhoogd risico op een kind met afwijkingen aan de chromosomen, in aanmerking komen voor een vlokkentest.

Het risico op een kind met afwijkingen aan de chromosomen is verhoogd als:

  • u 36 jaar of ouder bent op het moment dat u achttien weken zwanger bent
  • u of uw partner eerder een kind met een afwijking aan de chromosomen heeft gekregen
  • u of uw partner drager is van een afwijking aan de chromosomen of van een andere erfelijke aandoening, die onderzocht kan worden
  • bij echo-onderzoek aanwijzingen zijn gevonden voor afwijkingen bij uw ongeboren kindje
  • bij echo-onderzoek een verdikte nekplooi bij uw kindje is gezien

De kosten van de vlokkentest worden in deze situaties door de ziektekostenverzekering vergoed. De vlokkentest wordt soms niet uitgevoerd, wanneer u kort van tevoren of op dat moment vaginaal bloedverlies heeft.

Als u in aanmerking komt voor een prenataal onderzoek, bespreekt de arts of verloskundige die uw zwangerschap begeleidt, de verschillende mogelijkheden met u.

Soorten prenataal onderzoek:

  • triple test
  • vlokkentest
  • vruchtwaterpunctie

U kunt in overleg met uw arts of verloskundige een keuze maken. Voor de verdere onderzoeken wordt u verwezen naar het ziekenhuis.

Maak goede afspraken over wat er bepaald wordt en of u geïnformeerd wilt worden over onverwachte bijkomende bevindingen. Het geslacht van het kindje wordt altijd bepaald, geef duidelijk aan of u dit wilt weten.

Hoe gaat een vlokkentest in zijn werk?

Een vlokkentest kan via de vagina of via de buik worden uitgevoerd. Er zijn ziekenhuizen waar ze beide methoden toepassen, zodat u een keuze kunt maken.

Vlokkentest via de vagina De vlokkentest via de vagina wordt poliklinisch uitgevoerd door de gynaecoloog in het ziekenhuis. Tijdens het onderzoek ligt u op de onderzoeksbank met uw benen in beensteunen. Via de vagina wordt de eendenbek ingebracht om de baarmoedermond goed zichtbaar te maken. De baarmoedermond wordt eerst ontsmet met jodium of chloorhexidine. Daarna wordt via de baarmoedermond een dun slangetje of haptangetje (biopsietang) ingebracht, die wordt opgeschoven tot in de moederkoek.

Met een echo bekijkt de gynaecoloog of het slangetje of tangetje de goede kant op gaat. Als het slangetje op de goede plaats zit, wordt wat weefsel (vlokken) uit de moederkoek opgezogen of gehapt. Dit wordt direct bekeken, soms onder de microscoop. Als er onvoldoende materiaal verkregen is, kan meteen nog een keer een biopsie worden verricht. Het onderzoek duurt ongeveer vijftien minuten. Tijdens het onderzoek kunt u wat krampende pijn in de buik ervaren.

Na het onderzoek mag u naar huis. Het is verstandig een maandverbandje in uw ondergoed te doen. Na het onderzoek hebben sommige vrouwen last van wat bloedverlies, vergelijkbaar met de laatste dagen van de menstruatie. Dit is heel normaal en is meestal binnen drie dagen verdwenen. Soms gaat het bloedverlies over in bruinachtige afscheiding. Dit kan een enkele keer tot enkele weken na de ingreep aanhouden.

Het is verstandig geen seksueel contact te hebben zolang u nog bloed verliest. De uitslag van de vlokkentest is na ongeveer een week bekend. U krijgt de uitslag meestal direct doorgebeld door het laboratorium, waar het materiaal is onderzocht. Soms gaat de uitslag via degene die de ingreep heeft verricht of die de zwangerschap begeleidt.

Vlokkentest via de buikwand De vlokkentest via de buikwand wordt poliklinisch uitgevoerd door de gynaecoloog in het ziekenhuis. U ligt hiervoor op een onderzoekstafel. De huid van uw buik wordt ontsmet met alcohol, chloorhexidine of jodium.

Met een echo wordt bepaald op welke plaats geprikt wordt. Met een dunne naald wordt vervolgens door de buikwand heen in de moederkoek geprikt. Via de naald wordt wat weefsel uit de moederkoek gezogen. Er wordt direct bekeken of er voldoende weefsel is opgezogen, anders wordt er via een nieuwe prik geprobeerd meer weefsel op te zuigen.

Tijdens en na het onderzoek kunt u een wat vervelend, pijnlijk gevoel in uw buik ervaren. Deze klachten kunnen enkele dagen aanhouden, dat is heel normaal. Het onderzoek duurt ongeveer vijftien minuten. Na het onderzoek mag u naar huis. Na dit onderzoek heeft u geen last van bloedverlies via de vagina.

De uitslag van de vlokkentest is na ongeveer twee weken bekend. U krijgt de uitslag meestal direct doorgebeld door het laboratorium, waar het materiaal is onderzocht. Soms gaat de uitslag via degene die de ingreep heeft verricht of die de zwangerschap begeleidt.

Welke informatie kan een vlokkentest u geven?

Met een vlokkentest kunnen afwijkingen aan de chromosomen worden aangetoond. Aandoeningen zoals het syndroom van Down kunnen zo opgespoord worden. Ook kan een aantal stofwisselingsziekten en DNA-afwijkingen worden aangetoond, die niet aan de buitenkant van de chromosomen zichtbaar zijn.

Deze onderzoeken worden alleen gedaan als de kans op een van deze afwijkingen verhoogd is.

Welke informatie kan een vlokkentest u niet geven?

De vlokkentest helpt bij het opsporen van afwijkingen aan de chromosomen. Chromosomen zijn opgerolde structuren van ketens DNA, de code van het erfelijk materiaal. Een kleine afwijking in het DNA kan zorgen voor een aangeboren afwijking van uw kind, zonder dat dit zichtbaar is aan de chromosomen. Dus ook al toont de vlokkentest geen afwijkingen aan, dan kan uw kind toch een aangeboren afwijking hebben.

In Nederland heeft één op de twintig kinderen in meer of minder ernstige mate een aangeboren afwijking. Een afwijkende uitslag betekent niet altijd dat de chromosomen van het kind afwijkend zijn, behalve bij de uitslag trisomie 21.

De chromosomen die onderzocht worden, zijn namelijk van de moederkoek. Nu zijn uw kindje en de moederkoek oorspronkelijk wel uit dezelfde cellen ontstaan, maar er kunnen afwijkingen ontstaan in de chromosomen van de moederkoek zonder gevolgen voor uw ongeboren kindje. Daarom wordt bij een afwijkende uitslag (behalve bij trisomie 21) alsnog een vruchtwaterpunctie aangeraden. Bij een vruchtwaterpunctie worden de cellen van het kind onderzocht.

Bij 2% van de gevallen wordt een vlokkentest gevolgd door vruchtwateronderzoek. Redenen hiervoor zijn:

  • een afwijkende uitslag van de vlokkentest
  • het is niet gelukt om voldoende vlokkenmateriaal af te nemen

Het kan ook voorkomen dat er later bij het vruchtje chromosoomafwijkingen ontstaan, deze zijn dan ook niet in de cellen van de moederkoek aantoonbaar. In deze gevallen treedt spontaan een miskraam op.  De vlokkentest geeft geen informatie over de aanwezigheid van een neuraalbuisdefect (open ruggetje of open schedel). Een vruchtwaterpunctie geeft die informatie wel.

Wat betekent de uitslag van een vlokkentest?

De uitslag van de vlokkentest is ongeveer na een week bekend. Voor de meeste zwangere vrouwen en hun partner is dit een spannende en langdurende periode. Sommigen hebben moeite om te genieten van de zwangerschap zolang zij de uitslag van de vlokkentest niet weten.

Wat kunt u doen als de uitslag geen afwijkingen aantoont? Als de uitslag van de vlokkentest geen afwijkingen bij het ongeboren kind laat zien, zijn de meeste ouders opgelucht. Vanaf dat moment hebben ze het gevoel pas echt zwanger te zijn. Toch is het wel goed te bedenken dat een goede uitslag niet betekent dat uw kindje straks zeker geen afwijkingen zal hebben.

De vlokkentest kan alleen afwijkingen aan de chromosomen aantonen. Boven de 36 jaar betreft dit wel de helft of meer van de kans op een kind met een ernstige aangeboren afwijking.

Wat kunt u doen als de uitslag wel een afwijking aantoont? Wanneer er via de vlokkentest afwijkingen aan de chromosomen worden aangetoond, is dat een grote schok. Allerlei gevoelens kunnen een rol gaan spelen: verbijstering, ongeloof, boosheid, schuldgevoelens en ontkenning. Als ouders moet u nu een moeilijke beslissing nemen over wat u wilt doen met de zwangerschap.

Alleen u en uw partner kunnen beoordelen wat deze uitslag voor u en uw ongeboren kindje betekent en of u samen over de mogelijkheden beschikt een kind met deze afwijkingen op te voeden, of dat u ervoor kiest om de zwangerschap af te breken. Soms is het nodig om alsnog een vruchtwaterpunctie te laten uitvoeren om meer duidelijkheid te krijgen. De beantwoording van de vraag of u wel of niet de zwangerschap wilt afbreken is na het krijgen van de uitslag veel moeilijker dan voordat het onderzoek gebeurd is.

Inmiddels bent u al meer dan drie maanden zwanger en uw zwangerschap is een steeds belangrijker deel van uw leven geworden. Een eerder genomen beslissing over het afbreken van de zwangerschap komt in een heel ander daglicht te staan.

Bespreek uw twijfels met uw partner en uw arts of verloskundige. Neem de tijd om goed over uw keuze na te denken. Vraag informatie aan uw gynaecoloog, huisarts of verloskundige. Ook de klinisch geneticus of een ouderorganisatie kunnen u informatie geven wat het zou kunnen betekenen om een kind met de gevonden afwijking te hebben. Zij kennen ook maatschappelijk werkenden of psychologen die veel ervaring hebben met het begeleiden van ouders die in een soortgelijke situatie hebben gezeten. Zet alle argumenten voor en tegen op een rijtje.

Uiteindelijk zijn u en uw partner degenen die de beste keuze moeten maken in deze situatie; dat kan niemand anders voor u bepalen.

1. De zwangerschap uitdragen U kunt er samen met uw partner voor kiezen de zwangerschap te voldragen. Sommige ouders vinden het prettig dat zij zich kunnen voorbereiden op de komst van een kind met een afwijking aan de chromosomen. Ze zoeken er informatie over en regelen vast zaken die nodig mochten zijn.

Informatie hierover kunt u krijgen bij ouder- en patiëntenverenigingen of bij klinisch genetische centra.

Ook al heeft de vlokkentest aangetoond dat u een kind met een afwijking aan de chromosomen zult krijgen, de vlokkentest zal nooit kunnen aangeven in welke mate uw kind last zal hebben van de afwijking aan de chromosomen. Zo bestaat er een groot verschil in functioneren tussen verschillende kinderen met het syndroom van Down onderling. Er bestaan steeds betere behandelmethoden om bijkomende problemen bij het syndroom van Down te behandelen, zoals hartproblemen.

2. De zwangerschap afbreken De andere mogelijkheid, nadat de uitslag van de vlokkentest heeft aangewezen dat uw ongeboren kindje een afwijking aan de chromosomen heeft, is het afbreken van de zwangerschap. Dit is eveneens een moeilijke en ingrijpende beslissing. Omdat de uitslag van de vlokkentest een week (of meer bij een DNA-onderzoek) geduurd heeft, bent u inmiddels dertien of veertien weken zwanger.

Meestal is het voor uw omgeving nog niet zo zichtbaar dat u zwanger bent. Sommige mensen ervaren dit als een voordeel, zodat zij niet ook aan de omgeving rekenschap hoeven geven waarom zij een einde aan de zwangerschap maken. Anderen ervaren het als een nadeel, omdat de omgeving niet weet door wat voor een moeilijke periode zij heen gaan.

Het is in Nederland tot een zwangerschapsduur van 22 weken mogelijk om de zwangerschap te beëindigen. Tot dertien weken is het mogelijk de zwangerschap te beëindigen, door de baarmoeder leeg te zuigen met een slangetje. Na dertien weken zal de zwangerschap meestal beëindigd worden door het opwekken van weeën.

Beëindigen van de zwangerschap door zuigcurettage Deze ingreep is tot een zwangerschapsduur van dertien weken de meest gebruikte methode. Hierbij wordt de baarmoedermond opgerekt en wordt de baarmoeder leeggezogen met een dunne zuigbuis, waardoor het vruchtje en het vruchtzakje verwijderd worden.

De ingreep wordt in het ziekenhuis of in een abortuskliniek uitgevoerd door de gynaecoloog of een gespecialiseerd arts. De ingreep duurt vijf tot tien minuten en wordt uitgevoerd met een lokale verdoving of onder narcose. Narcose wordt steeds minder vaak toegepast, vanwege de grotere kans op bloedverlies.

Door de curettage bestaat een kleine kans op complicaties. Er kunnen verklevingen ontstaan aan de binnenzijde van de baarmoeder. Heel zelden gaat de zuigbuis per ongeluk door de baarmoederwand heen, soms ontstaat er een nabloeding. Er moet dan nog een curettage of behandeling met medicijnen volgen.

Beëindigen van de zwangerschap door opwekken van de bevalling Na een zwangerschapsduur van meer dan dertien weken wordt vaak een medicamenteuze afbreking van de zwangerschap uitgevoerd, altijd na zestien weken.

De zwangerschap wordt beëindigd door de bevalling in het ziekenhuis op te wekken. Dit kan via een infuus of de laatste tijd steeds vaker via tabletten. U krijgt medicijnen die weeën opwekken, bij de tabletvorm voorafgegaan door een medicijn, dat het zwangerschapshormoon uit de moederkoek tegenwerkt. Hierdoor komt de bevalling meestal na 24 tot 48 uur op gang en zal uw nog niet levensvatbare kindje geboren worden.

Uw kindje zal voor, tijdens of kort na de bevalling overlijden. Er bestaat een kans dat de moederkoek niet spontaan geboren wordt. Als dat het geval is, zal deze onder narcose verwijderd moeten worden. Na de ingreep blijft u enkele dagen in het ziekenhuis.

Lichamelijk herstellen van een zuigcurettage of opgewekte bevalling Lichamelijk herstel na een zuigcurettage of opgewekte bevalling gaat meestal vrij vlot. U kunt nog enkele dagen last hebben van rood bloedverlies dat vervolgens over gaat in bruine afscheiding. Het is het beste om met geslachtsgemeenschap te wachten tot het bloedverlies helemaal verdwenen is, dat kan soms duren tot de volgende menstruatie. Meestal volgt na zes weken een menstruatie.

Wanneer u en uw partner er aan toe zijn, is er geen bezwaar na stoppen van het bloedverlies opnieuw zwanger te worden. De zuigcurettage of opgewekte bevalling heeft geen gevolgen voor deze nieuwe zwangerschap.

Emotioneel herstellen van een zuigcurettage of opgewekte bevalling Na de zuigcurettage of het opwekken van de bevalling maken veel ouders een hele moeilijke tijd door. Allerlei gevoelens komen naar boven. Waarom hebben wij een kind met een aangeboren afwijking gekregen? Wat hebben we fout gedaan? Mochten we wel beslissen over het leven van ons kind? Deze gevoelens zijn heel normaal.

Neem de tijd om het verlies van uw kind te verwerken. Het is normaal dat u vele maanden, soms meer dan een jaar nodig heeft om het verlies een plekje te geven en om weer zin te hebben om deel te nemen aan de maatschappij. Ook kan het zijn dat u en uw partner in een verschillend tempo het rouwproces doorlopen. Dit kan aanleiding geven tot de nodige spanningen. Probeer er met elkaar over te praten en toon begrip voor elkaars gevoelens. Vaak is het zinvol hier begeleiding bij te zoeken van een maatschappelijk werker of een psycholoog.

Zijn er risico's aan een vlokkentest?

Na een vlokkentest bestaat er een kans dat de zwangerschap eindigt in een miskraam. Dat gebeurt gelukkig zelden, één op de 200 zwangerschappen eindigt door een vlokkentest in een miskraam.

Als er bloedverlies ontstaat (na een vlokkentest via de buik) of heviger wordt (na een vlokkentest via de vagina) in combinatie met buikkrampen, dan kan dit wijzen op een miskraam. Dan is het verstandig contact op te nemen met de arts of verloskundige die uw zwangerschap begeleidt.

Zolang u bloedverlies heeft, loopt u een iets grotere kans op een infectie. Het is daarom verstandig om geen geslachtsgemeenschap te hebben zolang u nog bloed verliest.

Soms lukt het niet om via de vlokkentest voldoende weefsel te krijgen. Dan wordt er alsnog een vruchtwaterpunctie uitgevoerd rond de zestiende zwangerschapsweek.

In samenwerking met

Drs. J.H. Schieving (auteur)

Dr. K. Boer (consulent) Prof. Dr. H.W. Bruinse (consulent)

Bronnen

Pagina laatst aangepast op 1 juli 2019


Gerelateerd