RSI

Wat is RSI?

RSI (Repetitive Strain Injury ,CANS) ) is een verzamelnaam voor pijnklachten in het gebied van vingers, handen, polsen, armen, ellebogen, schouders en nek. Naast pijn kunnen er klachten zijn van stijfheid, tintelingen, krachtvermindering, coördinatievermindering, temperatuur en kleur veranderingen. Deze symptomen kunnen tot belemmeringen in het normale functioneren leiden.

Specifieke neurologische en orthopedische aandoeningen (zoals een aandoening waarbij een zenuw in de pols beklemd zit, het ‘carpaal tunnel syndroom’, of een nekhernia) dienen uitgesloten te zijn om van RSI te mogen spreken. Het gaat hier om een zogenaamde ‘aspecifieke’ aandoening, wat wil zeggen dat er geen andere verklaring voor de klachten gevonden kan worden.

Meestal is er in de aanloop naar de klachten sprake geweest van overbelasting. Vaak gaat het daarbij om een herhalende beweging in combinatie met een te hoge spierspanning. Deze te hoge spierspanning komt bijvoorbeeld doordat u onder tijdsdruk moet werken of door een andere oorzaak extra stress ervaart.

Sommige mensen zijn zich er helemaal niet van bewust dat ze bepaalde spieren aanspannen terwijl ze aan het werk zijn. In Nederland spreken we vaak over ‘muisarm’. De klachten komen echter niet alleen voor bij computergebruikers, maar bijvoorbeeld ook bij musici, kappers, timmerlieden, metselaars, productiemedewerkers en veel andere beroepen.

Symptomen bij RSI?

In het begin zijn de klachten duidelijk gebonden aan een bepaalde activiteit, bijvoorbeeld aan het gebruik van de computermuis. Als deze activiteit gestopt wordt, verdwijnt de pijn.

Daarna kan de fase volgen waarin de klachten blijven aanhouden, ook als de bewuste activiteit gestaakt wordt. De klachten kunnen zich dan ook voordoen tijdens rust, waardoor ook het normale dagelijkse functioneren steeds meer belemmerd en beperkt kan worden.

Hoe ontstaat RSI?

De pijn bij RSI is gelokaliseerd in de spieren, pezen, peesaanhechtingen en zenuwen. De klachten ontstaan door overbelasting, waardoor onder andere spierverkrampingen en peesirritaties kunnen optreden.

Een combinatie van factoren is hiervoor meestal verantwoordelijk. Hierbij moeten we denken aan de activiteit zelf, de persoon die het betreft en de omgeving waarin de persoon functioneert:

 

  • Activiteit Herhaalde beweging en langdurig in één houding werken (= langdurig aanspannen van dezelfde spiergroepen) zijn duidelijke risicofactoren. De arbeids-rustverhouding, duur van het werk en werkdruk spelen veelal een belangrijke rol bij het ontstaan van klachten. Probeer dus voor zoveel mogelijk afwisseling te zorgen.
  • Persoon Lichamelijke factoren, zoals lengte, gewicht en conditie (belastbaarheid) zijn van invloed op de kans om RSI te krijgen. Bijvoorbeeld: een erg lang persoon zal erg attent moeten zijn op juiste afstellingen van werkplek en apparatuur. Ook psychologische eigenschappen zoals perfectionisme, moeilijk grenzen kunnen stellen en de manier van omgaan met stress zijn van groot belang in dit verband. Zo is de kans op (onbewuste) spierspanning groter bij een perfectionistisch ingesteld persoon die tijdens het werk alles zeer goed wil doen. Continue spierspanning kan uiteindelijk leiden tot overbelasting.
  • Omgeving Besteed aandacht aan factoren als werkplekinrichting, klimaatbeheersing, verhouding met collega’s en leidinggevenden, onderlinge verwachtingspatronen etc.

Is het ernstig en wat kunt u verwachten?

In het vroege stadium moeten de klachten gezien worden als een alarmbel. Het is tijd om bovengenoemde risicofactoren te analyseren en maatregelen te treffen, zodat verergering van de klachten wordt voorkomen en herstel kan plaatsvinden. Als er ‘niet geluisterd wordt naar het lichaam’ verergeren de klachten meestal, hetgeen kan leiden tot verzuim en toenemende belemmeringen in het dagelijks functioneren.

Naarmate de klachten langer duren, zal ook het herstel langere tijd in beslag nemen. De verwachting is dat de klachten op zeker moment zullen verdwijnen, maar wel zo nu en dan in periodes van grote belasting weer op kunnen spelen.

Wanneer naar de huisarts?

Daar het vaak gaat om een arbeidsgerelateerde klacht, kunt u in eerste instantie ook een bezoek aan de bedrijfsarts brengen. Het is verstandig om in een vroeg stadium een arts te bezoeken, zodat er snel onderzoek kan plaatsvinden naar de oorzakelijke factoren en maatregelen getroffen kunnen worden.

Het snel aanpakken van de klachten helpt een lange duur ervan te voorkomen. De bedrijfsarts of huisarts zal eerst onderzoek doen om te kijken of er niet een andere reden voor het ontstaan van de klachten is.

Wat kunt u er zelf aan doen?

Het snel herkennen van RSI-klachten zodat u al in een vroeg stadium actie kunt ondernemen, is belangrijk. Het terugbrengen van de belasting die de klachten veroorzaakt, kan dan soms al voldoende zijn om de klachten te doen verdwijnen.

Om (verergering van) klachten te voorkomen, kunt u een aantal tips opvolgen en maatregelen treffen (zie ‘Adviezen en voorzorgsmaatregelen’).

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

Het voorkómen van klachten (preventie) is uiteraard belangrijk. U kunt aan de volgende zaken denken om klachten te voorkomen of bestaande klachten te verminderen:

  • Zorg voor een goede algemene conditie en een goede spierconditie van de arm- en schouderspieren. Dit zorgt voor een grotere belastbaarheid, waardoor men minder kwetsbaar is voor het krijgen van RSI. U kunt bijvoorbeeld een fysiotherapeut vragen welke oefeningen u thuis kunt doen om de spieren van uw armen en schouders te trainen.
  • Ontspannen werken is zeer belangrijk. Denk hierbij aan: - goede werkplek en juiste plaatsing en afstelling van apparatuur; - voldoende afwisseling van houding (er bestaat niet zoiets als één goede houding) en voldoende pauzes; - werksfeer en werkdruk. Maak problemen bespreekbaar, kom voor jezelf op, geef je grenzen aan, durf ‘nee’ te zeggen. Kortom, wees assertief. Hiermee kan veel (interne) spanning voorkomen worden.

Als er eenmaal klachten zijn ontstaan, zijn bovenstaande aandachtspunten nog steeds van groot belang. Het is nooit te laat om de conditie te verbeteren en te leren assertief te zijn. Vraag hierbij eventueel advies aan deskundigen op dit gebied, zoals de bedrijfs- of huisarts.

In samenwerking met

Dr. P.M. Stuurman (auteur) Drs. W. van Donselaar (consulent) R.Burger (psycholoog)

Bronnen

  • www.rsi-vereniging.nl
  • RSI. Publicatienummer 2000/22. Gezondheidsraad. Den Haag.
  • Bongers PM, Vet HCW de en Blatter BM. RSI: vóórkomen, ontstaan, therapie en preventie. Ned. Tijdschrift voor Geneeskunde. 2002, 1971-1976.
  • Willems, JHBM. RSI: een rapport van de Gezondheidsraad. Ned. Tijdschrift voor Geneeskunde. 2002, 1969-1970.
  • Smetsers, BJ, Pijl DJ van der, Soede M. RSI: een gecombineerde aanpak bezien vanuit persoon, omgeving en taak. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde. april 2000; nr.3: 81-85.
  • RSI. Preventie en behandeling. RSI – Kenniscentrum. Universiteit Maastricht.

Pagina laatst aangepast op 28 juni 2019


Gerelateerd