Reizigersvaccinatie

Aandoening 12 april 2016

Reizigersvaccinatie inleiding

Bij het reizen naar (sub)tropische landen is een goede voorbereiding belangrijk. Reispapieren, kleding en vervoer moeten op orde zijn. Ook aan de gezondheid moet worden gedacht. De kans op het krijgen van infectieziekten en ongelukken is groter. Besmetting met infectieziekten vindt vooral plaats via de voeding, maar ook via o.a. zwemwater en insectenbeten. Preventieve maatregelen (hygiëne, vaccinaties en medicijnen) verkleinen de kans op het krijgen van een ziekte. In deze folder krijg je meer informatie over deze ziekten en hoe besmetting te voorkomen.

Voorkomen besmetting via de voeding

Voeding en drinkwater zijn belangrijke besmettingsbronnen. De volgende maatregelen maken de kans op besmetting kleiner:

  • Eet geen onvoldoende gekookt of rauw voedsel, ongeschild fruit en koude salades
  • Gebruik schoon water (gekookt of mineraal). N.B. IJsblokjes en onverpakt ijs worden vaak met kraanwater (lang niet altijd schoon!) gemaakt
  • Was je handen voor het eten en koken en na het toiletbezoek, gebruik evt. een desinfecterende gel
  • Zorg dat er geen vliegen op het eten kunnen komen
  • Drink geen ongekookte melk
  • Was bij buikklachten vaak je handen en blijf uit de keuken
  • Een goede vuistregel is: Peel it, boil it, cook it or forget it! (Schil, kook of bak het voedsel, eet het anders niet!).

Het voorkomen van muggen- en andere insectenbeten

Verschillende ziekten worden overgebracht door muggen, bijvoorbeeld malaria, dengue, Japanse encefalitis en gele koorts. Malariamuggen zijn het meest actief tussen zonsondergang en zonsopgang. De muggen die dengue of gele koorts overbrengen steken vaker overdag. Het voorkomen van muggenbeten is erg belangrijk:

  • Draag een lange broek, lange mouwen, schoenen en sokken;
  • Sluit deuren en ramen of plaats horren;
  • Gebruik muggenwerende middelen waarin DEET (diethyltoluamide) verwerkt is op de onbedekte huid (b.v. een Autanstick)
    – Volwassenen: DEET concentratie 30-50 %.
    – Kinderen jonger dan 2 jaar: DEET concentratie max.30%
    – Zwangeren: DEET concentratie 30%

Zorg dat het middel niet op je lippen, in je ogen of op een beschadigde huid (zonverbranding!) terecht komt. Bij kleine kinderen de handen niet insmeren.

  • Houd de slaapkamer muggenvrij;
  • Bij gelijktijdig gebruik van zonnebrandcrème moet eerst de zonnebrandcrème gesmeerd worden en minimaal 45 minuten later de DEET;
  • Slaap onder een klamboe (bij voorkeur geïmpregneerd met permetrine). Dit geldt in het bijzonder voor baby’s, jonge kinderen en zwangeren.

Naast muggen komen er ook andere insecten voor die ziekten kunnen overdragen. In deze folder vindt u meer informatie over het voorkomen van tekenbeten. In het algemeen is het in tropische landen belangrijk om:

  • Niet met blote voeten op het strand te lopen;
  • Op een handdoek te liggen op het strand;
  • Kleding die buiten gedroogd is strijken voor het dragen.

Geneesmiddelen

Vraag de apotheker om een geneesmiddelenpaspoort wanneer je medicijnen gebruikt. Hierin staan de namen en juiste doseringen van alle middelen vermeld. Neem ruim voldoende geneesmiddelen mee. Verdeel ze over meerdere porties, het liefst in de handbagage. Let erop dat de geneesmiddelen tijdens het vervoer niet te warm worden.

Medicijnen die vallen onder de Opiumwet ( bijv. sommige sterke pijnstillers, ritalin), kunnen niet altijd zomaar meegenomen worden. Per land gelden er verschillende toestemmingsprocedures. Voor een Europees land dat hoort bij de Schengenlanden is een Schengenverklaring nodig. Deze moet door de voorschrijvende arts worden getekend en de inspectie moet deze verklaring waarmerken. Bij landen buiten het Schengengebied is meestal een verklaring nodig van de behandelend arts en toestemming van de ambassade of het consulaat. Voor meer informatie kunt u terecht op de site van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (www.igz.nl).
Het bezit en gebruik van opiaten en cannabis (hasj) is in veel landen streng verboden. Wanneer je naalden, spuiten en hechtdraad meeneemt, is een officiële verklaring van een arts nodig voor de douane.

Reizigersdiarree

Veel reizigers krijgen te maken met reizigersdiarree. Er is diarree, soms buikkrampen, gebrek aan eetlust, misselijkheid, braken en soms koorts. De klachten duren meestal niet langer dan een paar dagen en gaan over het algemeen vanzelf weer over. De diarree wordt veroorzaakt door een onschuldige bacterie. Via voeding of drinkwater komt deze in het lichaam. Door hygiënische maatregelen wordt de kans op reizigersdiarree kleiner (zie ‘het voorkomen van besmetting via voeding’). Reizigersdiarree hoeft niet behandeld te worden, wel kunnen de symptomen bestreden worden. Het verlies van vocht compenseer je door veel te drinken, bv. thee, bouillon of ORS (verkrijgbaar bij apotheek of drogist). Een speciaal dieet is niet nodig. Antidiarree-middelen (Loperamide, Imodium®, Diacure®) kunnen erg handig zijn tijdens het reizen. De diarree verdwijnt daarmee over het algemeen snel. Gebruik de medicijnen volgens de voorschriften in de bijsluiter. Raadpleeg bij hoge koorts en/of bloed bij de ontlasting een arts. Bij een verminderde weerstand (cytostatica, diabetes met insulinegebruik) wordt antibiotica meegegeven om te gebruiken bij diarree. De anticonceptiepil is minder betrouwbaar bij diarree!!

Hepatitis A

Hepatitis A (besmettelijke geelzucht) is een virale ontsteking van de lever. De verschijnselen zijn: een gele huid, donkerbruine urine, lichte ontlasting, een pijnlijke lever (in de rechter bovenbuik), misselijkheid, braken, geen eetlust en hoofdpijn. Volwassenen kunnen maanden ziek zijn. Kinderen hebben vaak weinig klachten van de ziekte, maar zijn wel besmettelijk voor anderen.

Het hepatitis A-virus wordt vooral overgedragen via de voeding en besmet water. De ziekte komt in de meeste subtropische en tropische landen veel voor. Ook bij reizen naar Turkije, Rusland en Egypte moet je hier rekening mee houden. Door hygiënische maatregelen is de kans op besmetting sterk te verkleinen,
(zie ‘het voorkomen besmetting via de voeding’). Ook is het mogelijk te vaccineren. Kort na de eerste injectie ben je voor een jaar beschermd. Na een herhaalprik ben je minstens 30 jaar beschermd. Er is geen behandeling tegen hepatitis A. De ziekte geneest over het algemeen vanzelf, maar daar kan veel tijd over heen gaan.

Difterie, Tetanus en Polio (DTP)

Difterie, Tetanus en Polio zijn infectieziekten die in Nederland vroeger regelmatig voorkwamen. Sinds 1950 zijn vaccinaties ertegen in het Rijksvaccinatieprogramma opgenomen. Deze ziekten komen nu in Nederland praktisch niet meer voor. In tropische landen is dat anders. Difterie geeft een ernstige ontsteking van de keelholte, die ademhalingsproblemen kan geven. Tetanus geeft een verkramping van de spieren en Polio geeft verlammingen. De vaccinaties van de kinderjaren zijn tot 10 jaar na de laatste vaccinatie geldig. Het krijgen van deze ziekten tijdens het reizen naar landen met een verhoogd risico, kan voorkomen worden door opnieuw te vaccineren. Een herhalingsinjectie geeft 10 jaar bescherming.

Buiktyfus

De verwekker van buiktyfus is een bacterie. De klachten zijn koorts, bloederige diarree (of soms juist verstopping) en een algemeen ziektegevoel. Zonder behandeling kunnen ernstige complicaties optreden, zoals longontsteking en hersenvliesontsteking. De besmetting vindt vooral plaats via besmet voedsel of verontreinigd water. Door hygiënische maatregelen is de kans op besmetting sterk te verkleinen (zie ‘voorkomen besmetting via voeding’). Voor landen met een hoog risico wordt afhankelijk van de duur van het  verblijf een vaccinatie geadviseerd. De vaccinatie geeft vanaf twee weken na de injectie gedurende 3 jaar een hoge mate van bescherming. Bezoek altijd een arts bij klachten die op buiktyfus wijzen. Buiktyfus wordt behandeld met antibiotica.

Gele koorts

Gele koorts wordt veroorzaakt door een virus. De verspreiding is door bepaalde muggensoorten die overdag actief zijn. Gele koorts epidemieën komen voor in grote delen van tropisch Afrika en Zuid-Amerika. De eerste verschijnselen lijken op die van griep met koorts, misselijkheid en spierpijn. De ziekte kan snel verergeren en leiden tot de dood. De ziekte kan voorkomen worden met een vaccinatie. Deze gele koortsvaccinatie geeft vanaf 10 dagen  een levenslange bescherming. Het vaccin bevat het levende, verzwakte virus en kan niet gegeven worden aan zwangere vrouwen, aan mensen die een verminderde afweer hebben en aan mensen die allergisch zijn voor kippeneiwit. Voor sommige landen is vaccinatie verplicht en kom je de grens niet over als je de injectie niet gehad hebt. Er is geen behandeling tegen de ziekte bekend.

Malaria

De oorzaak van malaria is een parasiet die via een muggenbeet in de bloedbaan komt. De parasiet vermenigvuldigt zich in de lever en rode bloedcellen. Malaria komt in veel tropische landen voor.

De klachten zijn een grieperig gevoel, gevolgd door oplopende koorts en koude rillingen. Zonder behandeling kan de ziekte fataal verlopen. De verschijnselen treden pas enige tijd op na een beet van een besmette mug. Dit kan soms zelfs pas na enkele maanden zijn. Een belangrijke maatregel om malaria te voorkomen is er voor te zorgen dat je niet door muggen gebeten wordt (zie ‘voorkomen van insectenbeten’). Voor sommige laag-risicolanden kan dit voldoende zijn, maar vaak is het ook nodig medicijnen te slikken (malariaprofylaxe). De soort medicijnen verschilt per land en streek. Bij het vaccinatiecentrum krijg je, afhankelijk van de duur van de reis, de plaats en je medische voorgeschiedenis, advies over welk middel je het best kunt gebruiken. De malariaprofylaxe moet na het verlaten van het malariagebied nog enige tijd doorgeslikt worden. Deze tijd verschilt per medicijn en varieert van 1 tot 4 weken. Als de malariapillen uitgebraakt worden binnen een uur na inname, moet er een nieuwe dosis worden ingenomen!

Het innemen van malariatabletten
• Paludrine (proguanilhydrochloride) tabl.100 mg, 2 keer daags 1 tablet innemen na de maaltijd en steeds op hetzelfde tijdstip, starten op de dag van aankomst in het malariagebied. Na het verlaten van het malariagebied nog 4 weken door blijven slikken.

  • Lariam (mefloquine) tabl. 250 mg, 3 weken voor aankomst in malariagebied beginnen: 1 tablet innemen na de maaltijd, vervolgens 1 keer per week 1 tablet op een vaste dag. Na het verlaten van het malariagebied 4 weken door blijven slikken.
  • Malarone (250 mg atovaquon en 100 mg proguanil),1 dag voor aankomst in malariagebied starten met inname, 1 tablet per dag, innemen op een vast tijdstip met voedsel of zuiveldrank. Na het verlaten van het malariagebied nog 1 week door blijven slikken.
  • Doxycycline tabl. 100mg. Op de dag van aankomst in malariagebied starten, 1 tablet per dag. Na het verlaten van het malariagebied nog 4 weken doorslikken. De tabletten ruim voor het slapen gaan innemen met een ruime hoeveelheid water, melk of voedsel.


Bijwerkingen van malariatabletten

De malariapillen kunnen bijwerkingen geven. Soms zijn die bijwerkingen zo ernstig dat er reden kan zijn om te stoppen met de pillen. Probeer dit altijd zoveel mogelijk in overleg met een arts te doen. Het niet gebruiken van malariapillen in een gebied waar malaria voorkomt, is meestal sterk af te raden.

Paludrine geeft zelden bijwerkingen. Klachten die kunnen ontstaan zijn pijnlijke zweertjes in de mond en haaruitval.

Malarone kan als klachten geven: buikpijn, hoofdpijn, misselijkheid, braken en hoesten. Soms pijnlijke zweertjes in de mond.

Lariam kan onder andere slaap- en psychische stoornissen geven. Bij reizigers die eerder zijn behandeld voor psychische stoornissen, wordt bij voorkeur geen Lariam voorgeschreven. Als er voldoende tijd is voor de reis, kan besloten worden tot het geven van een proefdosis. Gedurende drie weken moet dan de Lariam geslikt worden. Als er geen klachten ontstaan, is de kans minder groot dat er zich later alsnog klachten ontwikkelen.  Mocht u klachten ontwikkelen tijdens de reis dan kunt u proberen of het verspreiden van de inname over de week minder klachten geeft. In plaats van eenmaal per week 1 tablet neemt u 2x per week ½ tablet.

Doxycycline kan maagdarmklachten en allergische reacties geven. De gevoeligheid van de huid voor zonlicht kan toenemen. Bij vrouwen ontstaan er gemakkelijker vaginale schimmelinfecties.

Omdat je malariapillen slikt om een levensgevaarlijke ziekte te voorkomen, is het belangrijk goed te overwegen of je wel of niet moet stoppen met je malariapillen in verband met een eventuele bijwerking. Overleg bij twijfel altijd met een arts.

Antimuggenmaatregelen en het gebruik van malariaprofylaxe geven nog geen volledige garantie dat je geen malaria krijgt. Als je koorts krijgt, blijf je toch je malariaprofylaxe doorslikken en consulteer je snel een arts. Doe dit ook de eerste maanden nadat je weer in Nederland bent. Meld daarbij aan je huisarts dat je in malariagebied geweest bent. De huisarts kan dan gericht onderzoek laten doen.

Als je een noodbehandeling tegen malaria hebt meegekregen start je hiermee als je na 2 dagen koorts nog geen arts hebt bereikt. Na een dergelijke noodbehandeling moet je alsnog een arts raadplegen.


Malaria en zwangerschap

Malaria tijdens de zwangerschap vormt een ernstige bedreiging voor moeder en kind. In het algemeen wordt het reizen naar malariagebieden afgeraden tijdens de zwangerschap. Niet alle antimalariamiddelen kunnen tijdens de zwangerschap gebruikt worden. Het nemen van voorzorgsmaatregelen is erg belangrijk, zoals:

  • Gebruik een geïmpregneerd muskietennet;
  • Gebruik DEET-producten met max. 30% DEET;
  • Gebruik de voorgeschreven medicatie.

Dengue (knokkelkoorts)

Dengue is een virusinfectie die in veel tropische en subtropische gebieden voorkomt. In Afrika komt de aandoening minder vaak voor. Het virus wordt overgedragen door bepaalde muggen. Deze mug leeft rond kleine waterreservoirs bij huizen en steekt overdag, bij voorkeur in de late namiddag. De verschijnselen zijn plotselinge koorts, hoofdpijn (vaak achter de ogen), gewrichtspijn en soms huiduitslag. Een eerste infectie verloopt vrijwel altijd mild, bij een tweede infectie kunnen de verschijnselen erger zijn. Er is geen behandeling tegen het virus. Uitzieken met zonodig paracetamol (liever geen aspirine) is over het algemeen voldoende remedie. Er bestaat geen vaccin tegen. Ter voorkoming is het zinvol om je overdag in te smeren met een muggenwerend middel (DEET).

Hepatitis B

Hepatitis B is net als hepatitis A een ontsteking van de lever door een virus. Hepatitis B wordt overgedragen via besmet bloed en bloedproducten (bijv. niet gesteriliseerde materialen of het laten zetten van tatoeages) of seksueel contact. De verschijnselen zijn: een gele huid, donkerbruine urine, lichte ontlasting, pijnlijke lever (in de rechter bovenbuik), misselijkheid, braken, geen eetlust en hoofdpijn. Soms ontbreken de verschijnselen. Mensen die de ziekte doorgemaakt hebben kunnen levenslang het virus in het bloed houden en besmettelijk blijven voor anderen. Ook kan er een chronische leverontsteking ontstaan, die uiteindelijk kan leiden tot een ernstige beschadiging van de lever.

Voorkom besmetting door:

  • Het zeer voorzichtig omgaan met bloed en bloedproducten (handschoenen)
  • Veilige seks (condooms), neem bij voorkeur condooms mee uit Nederland

Ook is het mogelijk je te laten vaccineren. Deze vaccinatie wordt vooral aanbevolen aan mensen die langer dan drie maanden naar een tropisch land gaan. Extra risicofactoren (zoals werken in de gezondheidszorg) zijn een reden om ook bij een korter verblijf een vaccinatie te adviseren. Bij in Nederland wonende immigranten uit endemische gebieden (bijvoorbeeld Marokko en Turkije), partners en kinderen wordt bij een reis naar het vaderland vaccinatie tegen hepatitis B aangeraden. De vaccinatie bestaat uit een serie van drie prikken en geeft over het algemeen levenslang bescherming. Per 1 augustus 2011 wordt deze vaccinatie opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma.

Aids

Aids wordt veroorzaakt door het HIV-virus. Het virus tast het afweersysteem aan. Zonder behandeling zal iemand overlijden aan de infecties die ontstaan. Kort na de besmetting zijn er weinig tot geen ziekteverschijnselen, die kunnen pas na jaren optreden. Aids komt veel voor in tropische landen. De besmetting gaat via bloed (b.v. naalden) en onveilig seksueel contact. Maatregelen ter voorkoming van besmetting zijn identiek aan de preventieve maatregelen voor Hepatitis B. Vaccinatie is niet mogelijk. Als je het vermoeden hebt besmet te zijn, neem dan snel contact op met een arts. De behandelingsmogelijkheden zijn de laatste jaren enorm verbeterd.

Tuberculose

De verwekker van tuberculose is de tuberkelbacil. De besmetting vindt plaats via aanhoesten. De verschijnselen kunnen soms pas lange tijd na de besmetting optreden en zijn: langdurig hoesten, koorts, niet lekker voelen, bloed ophoesten, lymfklierzwelling en gewichtsverlies. Een vaccinatie wordt aanbevolen voor reizigers die langere tijd nauw in contact met de plaatselijke bevolking leven. Voor mensen die weinig risico lopen (weinig contact met lokale bevolking) maar wel lang op reis zijn is het zinvol zich voor en na de reis te laten controleren op tuberculose d.m.v. een mantouxtest. Nacontrole dient ongeveer 8 weken na terugkeer plaats te vinden. Indien er klachten zijn die kunnen wijzen op TBC is vervroeging van deze nacontrole aan te raden.

Cholera

Cholera is een bacteriële ontsteking. De bacterie verspreidt zich via besmet water en voedsel. De kans om deze ziekte te krijgen is erg klein. Hygiënische maatregelen (zie ‘voorkomen besmetting door voeding’) zijn hierbij belangrijk. Een vaccinatie tegen cholera werkt maar kort en geeft weinig bescherming. Toch zijn er nog landen waar een choleravaccinatie verplicht is voor binnenkomende reizigers. Bij een reis naar een dergelijk land zet het vaccinatiecentrum een cholerastempel in het vaccinatie-paspoort, zonder te vaccineren. Dit in overeenstemming met internationale af-spraken. Hiermee voorkom je problemen aan de grens.

Japanse Encefalitis

Japanse Encefalitis is een ontsteking van de hersenen door een virus. Het is een erg zeldzame ziekte bij reizigers. Het virus wordt overgebracht door muggensoorten die ‘s avonds en ‘s nachts steken. De ziekte komt voor in grote delen van Zuid- en Oost- Azië, vooral in gebieden waar veel varkens gehouden worden. De kans om Japanse Encefalitis op te lopen, is het grootst bij rijstvelden tijdens de zomermaanden in een gematigd klimaat en in de (sub) tropen tijdens het regenseizoen (juni-oktober).

Belangrijk is om zich preventief te beschermen tegen muggenbeten. Bij een langdurig verblijf op het platteland is vaccinatie te overwegen.

Infecties door teken (Lyme en tekenencefalitis)

Teken kunnen verschillende ziektes overdragen, bijvoorbeeld de ziekte van Lyme en tekenencefalitis. De ziekte van Lyme komt vrijwel overal ter wereld voor. Het eerste symptoom is vaak een rode kring op de huid, na verloop kunnen er ernstige afwijkingen van verschillende organen ontstaan. De ziekte is in een vroeg stadium goed te behandelen met antibiotica. Tekenencefalitis (FSME, TBE, RSSE) is een virusinfectie die een ontsteking van de hersenen kan veroorzaken. Het virus kan worden overgebracht via een tekenbeet (al snel na de beet), maar ook door het drinken van ongepasteuriseerde melk. Er bestaan 2 vormen: een Europese en een Russische variant, deze laatste is gevaarlijker. Besmetting kun je voorkomen door geen ongepasteuriseerde melk te drinken en tekenbeten te voorkomen.

DEET houdt niet alleen muggen op afstand, maar ook teken. De kans op tekenbeten wordt ook minder als je op de paden blijft en niet door hoog gras of struiken loopt. Teken verwijder je het best met een tekenpincet.
Behandel de teek niet vooraf met alcohol of andere middelen. Plaats het pincet over de teek dicht bij de huid, draai en trek voorzichtig aan de teek totdat deze is verwijderd. Soms is een vaccinatie aan te raden. Een volledige serie bestaat uit 3 injecties, die 3 jaar bescherming biedt.

Meningococcen-meningitis

Meningococcen-meningitis is een hersenvliesontsteking (nekkramp) veroorzaakt door een bacterie. De besmetting vindt plaats via besmette speekseldruppeltjes. De verschijnselen van de ziekte zijn: plotselinge koorts, hevige hoofdpijn, misselijkheid en braken, nekstijfheid en kleine huidbloedinkjes. Vooral in Afrika zijn er landen waar het risico op besmetting vergroot is.

Het vermijden van plaatsen waar veel mensen van de plaatselijke bevolking bij elkaar zijn (openbaar vervoer, markten), helpt de kans op besmetting kleiner te maken. Aan mensen die naar een gebied gaan waar de ziekte regelmatig voorkomt en die veel contact met de lokale bevolking hebben wordt vaccinatie aanbevolen. Voor Mekka-gangers is de vaccinatie zelfs verplicht. De beschermingsduur van een vaccinatie is bij volwassenen drie jaar. De vaccinatie beschermt niet tegen alle typen hersenvliesontsteking.

Rabiës (hondsdolheid)

Rabiës wordt veroorzaakt door een virus en is zonder snelle behandeling dodelijk. Besmetting voorkomen is dan ook erg belangrijk. Het virus verspreidt zich via het speeksel van besmette zoogdieren (o.a. honden, katten, apen, en vleermuizen). In Afrika, Azië en Zuid-Amerika zijn veel huisdieren besmet met rabiës. Voorkom besmetting door geen dieren aan te halen en vooral zieke en dode dieren niet aan te raken.

Doe het volgende bij een beet, krab of lik van een mogelijk besmet dier:

  • Maak de wond goed schoon met water en zeep en ontsmet deze met betadine of alcohol 70 %;
  • Zoek zo snel mogelijk medische hulp, het liefst binnen 24 uur in een groot ziekenhuis.

Bij een mogelijke besmetting heb je een injectie met antiserum nodig en een 5-tal vaccinaties. Soms kan het zinvol zijn een serie van drie inentingen te nemen voor je op reis gaat (bijv. bij een fietsvakantie of bij een verblijf langer dan 3 maanden bij de plaatselijke bevolking). Je hebt dan na een beet geen antiserum nodig en je hebt maar 2 injecties ipv 5 nodig (in minder ontwikkelde landen is antiserum soms niet verkrijgbaar of van slechte kwaliteit, met daardoor een grotere kans op bijwerkingen).

Schistosomiasis (Bilharzia)

Bilharzia is een wormziekte die ontstaat door contact met besmet zoet oppervlaktewater. In veel tropische landen is het water besmet. De larve komt via de huid in het lichaam en kan in de bloedvaten van darm of blaas uitgroeien tot een volwassen worm.

De klachten zijn eerst onregelmatige hoge koorts en diarree. Latere klachten zijn: buikklachten of bloed in de urine en/of klachten bij het plassen. Vaccinatie tegen deze ziekte is niet mogelijk. Voorkomen dat je besmet wordt is dus belangrijk: niet zwemmen of pootjebaden in zoet oppervlaktewater.

Voorkom zonnebrand

Verbranding door UV-straling van de zon veroorzaakt snellere veroudering van je huid en kan tot huidkanker leiden. Bescherm jezelf tegen de zon, vooral als deze hoog staat. Denk ook aan een goede zonnebrandcrème tijdens het zwemmen of snorkelen. Als je een zonnebrandcrème met een antimuggensmeersel (DEET) combineert, moet eerst de zonnebrandcrème en 45 minuten later pas de DEET aangebracht worden. DEET kan de werking van zonnebrandcrème verminderen.

Duiken

Laat je van tevoren goed informeren als je wilt gaan duiken tijdens de vakantie. Vaak is een duikkeuring van te voren aan te raden. Soms wordt een duikkeuring zelfs verplicht gesteld door de duikschool. Duiken heeft bepaalde risico’s. In veel tropische landen zijn de medische voorzieningen niet toereikend om je optimaal te behandelen bij problemen. Als je hebt gedoken, is het advies om na de laatste duik minimaal 24 uur te wachten, voordat je gaat vliegen. (meer informatie: www.duiken.nl en www.duikkeuring.nl)

Hoogteziekte

Hoogteziekte kan optreden als je te snel stijgt boven hoogtes van 2500 meter. Het is belangrijk om het lichaam twee dagen de tijd te geven te acclimatiseren. Boven de 2500 meter mag iedere volgende slaapplaats niet meer dan 300 meter hoger liggen dan de slaapplaats van de nacht ervoor. Belangrijk is te letten op voldoende vochtopname. De verschijnselen van hoogteziekte lopen uiteen van mild (hoofdpijn, misselijk, kortademig, slapeloosheid) tot ernstig en levensbedreigend (met long- en/of hersenoedeem). Bij milde klachten wordt aangeraden zich niet in te spannen en 3 tot 4 dagen op dezelfde hoogte te blijven of af te dalen. Indien de verschijnselen niet verdwijnen of ernstiger worden moet zeker afgedaald worden. (meer informatie op www.hoogteziekte.info) Als er problemen met hoogteziekte verwacht worden, kan een preventieve behandeling met het middel acetazolamide worden voorgeschreven. Ook dan blijft het belangrijk bij het ontstaan van klachten niet verder te stijgen. Ook kan acetazolamide gebruikt worden bij het behandelen van beginnende klachten van hoogteziekte.

De reisapotheek

Op reis is het vaak niet mogelijk een goed voorziene apotheek binnen te stappen en medicijnen en materiaal te kopen. Het is dan ook aan te raden een eigen reisapotheek mee te nemen. Bij een kortdurende vakantiereis kun je volstaan met een eenvoudige basis EHBO-set. Factoren als een avontuurlijke reis, primitieve omstandigheden en onderliggende ziekten bepalen mede de uitgebreidheid van de mee te nemen medicatie en materialen.

Een EHBO-basisset:

  • 4 hydrofiele zwachtels (6 en 8 cm breed)
  • 2 rollen rekverband (6-10 cm breed)
  • 10 steriele gazen (10x10cm)
  • ademende pleisters
  • een rolletje leukopor
  • 10 zwaluwstaartjes
  • een thermometer
  • een schaartje
  • 5 veiligheidsspelden
  • een (teken) pincet. De pincet en schaar mogen niet mee in de handbagage!
  • een paar plastic handschoenen
  • doosje (kinder) paracetamol, tegen koorts en pijn ( geen zetpillen, kunnen smelten)
  • verpakking ORS (bij diarree en overgeven)
  • 1 doosje Loperamide (bij diarree) Volwassenen kunnen dit middel bij nood innemen tegen diarree tijdens een reisdag, maar nooit als er bloed bij de diaree zit of bij koorts hoger dan 38,5º
  • Betadine-zalf of een flesje chloorhexidine (ontsmettingsmiddel). Elke verwonding, hoe klein ook, moet zorgvuldig uitgewassen en ontsmet worden; er ontstaan snel tropische zweren
  • een crème tegen jeukende insectenbeten (bijv. Prikweg)
  • antimuggensmeersel met DEET
  • zonnebrandcrème/olie met een hoge beschermingsfactor
  • zonodig medicijn tegen zee- of wagenziekte
  • condooms

Aanvullingen
Deze basisset kun je afhankelijk van je gezondheid, je manier van reizen en eventueel andere extra risicofactoren aanvullen met:

  • de dagelijkse medicatie. Neem voldoende voorraad mee. Bewaar die tijdens vliegreizen in de handbagage! De bagageruimte van een vliegtuig kan erg koud worden en bagage kan zoek raken. Verdeel ook tijdens busreizen medicijnen in 2 porties zodat er bij verlies altijd nog een deel over is. Dit geldt ook voor de anticonceptiepil. Onderweg op reis moeten medicijnen niet te heet worden. Leg ze niet in een auto in de zon. Tussen de kleren in een tas of rugzak is het best. Vraag je apotheek een medicatiepaspoort te maken.
  • zuiveringsmiddel om vervuild water veilig drinkbaar te maken. Zeker als je avontuurlijk op reis gaat is dit aan te raden. Bijv. Hadex-druppels of jodiumtinctuur 2% zijn aan te bevelen.
  • eventuele medicijnen tegen terugkerende kwalen, bijv: antibiotica voor blaasontsteking of antischimmelmiddel bij terugkerende vaginale schimmelinfecties.
  • Xylomethazoline-neusspray voor tijdens het vliegen.
  • Miconazolcrème tegen voetschimmels.
  • eventueel een medische verklaring: slik je namelijk morfineachtige pijnstillers of gebruik je een medicijn zoals Ritalin dan is een verklaring van je behandelend arts nodig. De feitelijke toestemming om het mee te mogen nemen gaat over het algemeen via de ambassade.

Extra aanvullingen
Eventueel wordt er door het vaccinatiecentrum extra medicijnen of spullen geadviseerd, zoals:

  • antimalaria medicijnen.
  • een noodbehandeling tegen malaria als je in afgelegen malariagebieden rondreist.
  • een middel tegen hoogteziekte.
  • antibiotica tegen diarree of huidinfecties bij bepaalde chronische ziekten.
  • steriele spuiten en naalden. Zeker bij avontuurlijke reizen en verblijf ver van goede medische voorzieningen.

Tot Slot

Er liggen bij het reizen naar (sub)tropische landen verschillende gevaren op de loer. Door een goede voorbereiding en het nemen van voorzorgsmaatregelen is de kans op het krijgen van problemen klein. De meeste problemen ontstaan door ongelukken: ga daarom liever niet met gehuurde auto’s of brommers de stad of onherbergzaam terrein in.  Maak ruim voor de reis ( 6 weken) een afspraak met een erkend vaccinatie voor specifieke advisering en noodzakelijke vaccinaties.

Samenvattend zijn voor de meeste tropische landen de volgende punten belangrijk:

  • Let op je voeding: Peel it, boil it, cook it or forget it!
  • Zwem niet in zoet oppervlaktewater.
  • Neem antimuggenmaatregelen.
  • Gebruik de malariamedicijnen volgens voorschrift.
  • Vermijd contact met bloed.
  • Heb veilige seks, dus met condoom.
  • Laat je informeren over de benodigde vaccinaties.
  • Huur geen brommers of motoren.
  • Denk aan een reisverzekering en een ziektenkostenverzekering.

Ondanks alle adviezen, tips en voorzorgsmaatregelen kan het toch gebeuren dat je je ziek voelt tijdens de reis of bij terugkomst in Nederland. Op het moment dat je nog in de tropen verblijft, adviseren wij je een kliniek of ziekenhuis te bezoeken, die je wordt geadviseerd door de lokale bevolking of reisleiding.

Zorg dat je het alarmnummer van je verzekeraar bij je hebt. Je kunt met hen overleggen. In dringende gevallen kun je ook contact zoeken met de Nederlandse ambassade in het betreffende land ( www.minbuza.nl).

Bij terugkeer in Nederland is het van belang altijd rekening te houden met het gegeven dat sommige ziekten pas later klachten kunnen geven, hier kunnen soms wel maanden overheen gaan. Hou hier rekening mee bij doktersbezoek en meld dat je in de tropen geweest bent.

Ben je werkzaam in de gezondheidszorg en heb je een opname in een ziekenhuis in het buitenland gehad, meld dat dan aan de werkgever om mogelijke verspreiding van infectieziekten te voorkomen.

In samenwerking met

Drs. W van Donselaar (reizigersgeneeskundige)
SGZ Gezondheid en Zorg ©

Bronnen

Reizigersinformatie tropische ziekten
SGZ Gezondheid en Zorg © 2011