Operatie aan de keelamandelen bij kinderen

Operatie aan de keelamandelen bij kinderen

De keelamandelen, ook wel tonsillen genoemd, zijn amandelvormige orgaantjes. Ze helpen om infecties te bestrijden en vormen een onderdeel van ons afweersysteem. Ze vangen binnendringende ziekteverwekkers op en maken deze onschadelijk.

De keelamandelen bevinden zich als knobbels links en rechts achterin de keel. De huig, het aanhangsel van het zachte gehemelte, hangt tussen de keelamandelen. De keelamandelen zijn goed zichtbaar als u achter in de keel van uw kind kijkt, vooral als ze rood en opgezwollen zijn.

Symptomen ontsteking aan de keelamandelen bij kinderen

Als de keelamandelen de hoeveelheid binnendringende ziekteverwekkers niet meer aan kunnen, kunnen ze ontstoken raken. De amandelen zwellen op en doen pijn. Soms zijn witte stippen op de amandelen zichtbaar. Verschijnselen bij een ontsteking van de keelamandelen zijn:

  • keelpijn
  • moeite met slikken
  • kans op hoge koorts
  • moe en hangerig zijn
  • slecht eten
  • slechte adem

Vaak zijn in de hals verdikte lymfeklieren te voelen. Zeer grote keelamandelen kunnen de ademhaling belemmeren, waardoor uw kind onrustig slaapt en kan snurken. Dit wordt ook wel het ‘slaapapneusyndroom’ genoemd.

Wanneer is een operatie aan de keelamandelen nodig?

Wanneer een operatie aan de keelamandelen nodig is, is vooral afhankelijk van:

  • hoe vaak uw kind klachten heeft
  • de ernst van de klachten
  • de duur van de klachten

Belangrijke argumenten om te besluiten tot een operatie zijn:

  • een regelmatig terugkerende keelontsteking
  • een belemmerende ademhaling tijdens de slaap (slaapapneu)

De ernst van de klachten worden afgewogen tegen het risico van de ingreep. De leeftijd van het kind speelt ook een rol: hoe jonger uw kind is, hoe terughoudender uw arts is.

Over het algemeen wordt de operatie pas vanaf een leeftijd van twee jaar uitgevoerd. Een absolute leeftijdsgrens is er echter niet, de ernst van de klachten is de belangrijkste factor.

Hoe kunt u uw kind voorbereiden op een operatie aan de keelamandelen?

U kunt thuis al beginnen om uw kind voor te bereiden op de opname en de ingreep. Met een boekje of doktersspulletjes kunt u uw kind spelenderwijs bekend maken met het ziekenhuis. Vertel uw kind:

  • dat er na de operatie een beetje bloed uit de mond of neus kan komen.
  • dat het na de operatie een beetje misselijk kan zijn
  • dat het pijn in de keel zal hebben
  • dat het na de operatie veel moet drinken
  • dat het veel waterijsjes mag eten

In veel ziekenhuizen organiseren de pedagogisch medewerkers speciale voorbereidingsmiddagen. De pedagogisch medewerker maakt gebruik van een koffer met allerlei ziekenhuismateriaal, zoals een kapje met een ballon, een infuusslangetje, een operatiejasje, een schort, een muts en een smoeltje. Uw kind mag deze spullen bekijken en ermee spelen, zodat het er vertrouwd mee kan raken. De grotere kinderen kunnen vaak een fotoboek of een video bekijken.

Wat gebeurt er in het ziekenhuis bij een operatie aan de keelamandelen?

De opname Op de dag van de operatie wordt uw kind opgenomen in het ziekenhuis. Het is raadzaam om het volgende mee te nemen naar het ziekenhuis:

  • kleding
  • pyjama of nachtjapon
  • sloffen
  • toiletartikelen
  • geliefd speelgoed (beer, knuffel, boekje)
  • drinkflesje of beker
  • medicijnen die uw kind eventueel thuis gebruikt
  • ziekenfonds- of verzekeringspapieren
  • ponsplaatje
  • voor uzelf: iets om te lezen

Nuchter blijven Meestal moet u 's morgens vroeg met uw kind naar het ziekenhuis komen. U kind mag thuis niets meer eten of drinken. Het nuchter blijven van uw kind is van groot belang. Als uw kind niet nuchter is, kan er door de narcose maaginhoud in de longen komen. Uw kind moet voor de operatie nuchter blijven. Vraag in het ziekenhuis na:

  • hoeveel tijd voor de operatie uw kind nuchter moet blijven
  • wat uw kind wel en niet mag eten en drinken voor de operatie

Als uw kind nog een zuigeling is, hoeft het korter nuchter te blijven, omdat het nog niet lang zonder voeding kan.

Verkouden of ziek Als uw kind verkouden of ziek is, is het belangrijk om contact op te nemen met de kinderafdeling. Soms wordt de opname dan uitgesteld. Ook als uw kind in contact is geweest met een kinderziekte (zoals waterpokken), is het belangrijk dit te melden, in verband met besmettingsgevaar.

De voorbereiding op de operatie

In ieder ziekenhuis kan de voorbereiding weer iets anders zijn, maar in grote lijnen komt het op het volgende neer. Op de afdeling krijgt uw kind een operatiejasje aan en een armbandje om. Meestal wordt ook zijn temperatuur nog een keer opgemeten. Daarna brengt u samen met een verpleegkundige of pedagogisch medewerker uw kind naar de operatiekamer.

Er is een speciale ruimte, waar u met uw kind kunt wachten tot u wordt opgehaald. In deze ruimte kunt u vast een schort, muts en sloffen aantrekken. Een verpleegkundige brengt u en uw kind naar de operatiekamer. In sommige gevallen gaat er ook een pedagogisch medewerker mee om u te begeleiden.

Uw kind mag bij de operatiekamerverpleegkundige op schoot zitten. Uw kind krijgt plakkertjes op de borst waarmee de hartslag wordt bewaakt. Verder wordt een klein metertje met een pleister op één van de vingers geplakt voor de controle van het zuurstofgehalte in het bloed.

Afhankelijk van wat is afgesproken, krijgt uw kind een kapje voor de mond en neus of een prikje. De anesthesioloog dient de verdoving toe. In sommige ziekenhuizen kunt u bij uw kind blijven totdat het onder narcose is.

De operatie De meeste operaties aan de keelamandelen bij kinderen bestaan uit een snelle handeling. Hierbij wordt de amandel met een speciale tang als het ware van zijn steel 'afgeknipt'. Het bloed dat uit het wondje komt, mag niet in de luchtpijp komen en moet direct door uw kind worden uitgespuugd. Daarom mag de narcose niet langer duren dan tot net na het moment, waarop de laatste amandel is geknipt.

De verwijdering van de amandelen heeft geen merkbare gevolgen voor de afweer van uw kind. De amandelen vormen maar een klein deel van het lymfekliersysteem van het lichaam. Kans op complicaties

Bij iedere operatie, dus ook bij het verwijderen van de keelamandelen, is sprake van enig risico. Het risico wordt voornamelijk gevormd door de mogelijkheid van een nabloeding.

Bij kinderen kan na de operatie een zogenaamde ‘open neusspraak’ bestaan, vooral als de keelamandelen zeer groot waren en als tegelijkertijd ook de neusamandel is verwijderd. Deze veranderde stem is bijna altijd tijdelijk. In een enkel geval is gedurende korte tijd logopedische hulp nodig.

Wat gebeurt er na de operatie aan de keelamandelen?

Na de operatie gaat uw kind naar de uitslaapkamer. De uitslaapkamer wordt ook wel de recovery of de verkoeverkamer genoemd. Op de uitslaapkamer wordt uw kind intensief in de gaten gehouden. Als uw kind aan het wakker worden is, wordt u gebeld en kunt u er naar toe. Direct na de ingreep heeft uw kind pijn in de keel. Vaak heeft het ook nog wat oud bloed in de mond. De pijn die uw kind heeft na de korte narcose in combinatie met het spugen van bloed, kan uw kind als traumatisch ervaren. Dat betekent dat hij vaak aan deze nare gebeurtenis terugdenkt.

Als uw kind goed wakker is, mag hij terug naar de kinderafdeling. Veel drinken is erg belangrijk, meestal heeft uw kind hier veel aanmoediging bij nodig. Water, limonade zonder prik, appelsap en waterijsjes zijn heel geschikt. Extra koud vocht heeft een positief effect, omdat de kou een pijnstillende werking heeft op de keel.

Als alles goed is verlopen, mag uw kind naar huis. Heeft uw kind verhoging of een nabloeding, dan moet het nog een nachtje in het ziekenhuis blijven. Het is voor uw kind prettig als u ’s nachts bij uw kind kunt blijven slapen. Dat geeft een veilig, vertrouwd gevoel in de onbekende omgeving. Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u vaak zetpillen met paracetamol voor uw kind mee tegen de pijn. De verpleegkundige vertelt u welke en hoeveel pijnstillers u uw kind thuis mag geven. Dit is afhankelijk van de leeftijd en gewicht.

Het is prettig voor uw kind, als u met eigen vervoer naar huis kunt gaan en geen gebruik hoeft te maken van het openbaar vervoer.

Wat kunt u verwachten als uw kind weer thuis is?

De eerste dagen na de operatie kan uw kind zich nog wat ziek voelen en klagen over een pijnlijke keel, vooral bij het slikken. De pijn kan hierbij uitstralen naar de oren. De pijn kan goed bestreden worden met paracetamolzetpillen. De pijn verdwijnt meestal na een aantal dagen.

Op de plaats van de amandelen ontstaat een grijswit beslag: dit is normaal en geen teken van ontsteking. Dit verdwijnt na ongeveer een week. Soms heeft uw kind een vieze smaak in zijn mond en ruikt het uit zijn mond. De eerste avond en nacht na de operatie moet u uw kind elke twee uur wakker maken om het te laten drinken.

De eerste dag na de operatie mag uw kind vla, yoghurt en niet te warme pap eten. De tweede en derde dag na de operatie mag uw kind zacht of gemalen voedsel eten en brood zonder korst. Vanaf de vierde mag uw kind weer alles eten, behalve harde etenswaren, zoals appels of wortelen. Dit mag weer na tien dagen.

Uw kind moet vier tot zeven dagen binnen blijven. Daarna mag hij weer naar buiten en naar school. Uw kind mag twee weken niet zwemmen.

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

Het is zeer belangrijk om alert zijn op een nabloeding. Als bij uw kind ineens meer bloed uit de neus of de mond komt, neem dan contact op met het ziekenhuis. Overdag kunt u contact opnemen met de polikliniek KNO; ’s avonds, ’s nachts en in het weekend met de spoedeisende hulp van het ziekenhuis. Als uw kind een temperatuur heeft van boven de 39 graden Celsius, kunt u het beste uw huisarts waarschuwen.

Meer hulp of informatie over een ontsteking van de keelamandelen

U kunt zich voorbereiden op de opname door vooraf informatie op te vragen bij de kinderafdeling van het ziekenhuis waar uw kind wordt opgenomen. De meeste kinderafdelingen hebben een brochure met informatie hierover. Met vragen en problemen kunt u ook terecht bij de Vereniging Kind en Ziekenhuis.

In samenwerking met

Dr. S.C.F. van den Borne (auteur) Drs. Ch.P.J. Hanrath (auteur) Drs. S.J. de Vries (auteur) Dr. J.A.M. Engel (consulent) Drs. A.V.M de Visscher (consulent)

Bronnen

  • Broek van de, P., Feenstra, L. (2000) Zakboek keel-, neus- en oorheelkunde: Acco, Leuven, Leusden.
  • Brande van den, J.L., e.a. (1998) Kindergeneeskunde: Elsevier, Maarssen.
  • www.kindenziekenhuis.nl
  • www.kno.nl

Pagina laatst aangepast op 25 juni 2019


Gerelateerd