Onbetrouwbare anticonceptiemethoden

Onbetrouwbare anticonceptiemethoden

In deze informatiefolder vindt u informatie over anticonceptiemethoden waarbij u niets hoeft te slikken en er niets in/om uw geslachtsdelen hoeft te worden geplaatst. Deze methoden zijn vergeleken met de andere anticonceptiemiddelen veel minder betrouwbaar. Zoekt u een zekere vorm van anticonceptie, dan kunt u deze methoden beter niet toepassen.

De methoden die in deze folder worden beschreven, zijn:

  • coïtus interruptus (voor het zingen de kerk uit)
  • lactatieamenorroe
  • natuurlijke anticonceptie (periodieke onthouding)

Coïtus interruptus (voor het zingen de kerk uit)

Bij coïtus interruptus wordt de geslachtsgemeenschap onderbroken op het moment dat de man de zaadlozing voelt aankomen. Hij trekt snel zijn penis terug uit de vagina en zorgt dat de zaadlozing buiten de vagina plaatsvindt. Deze methode is zeer onbetrouwbaar.

Ten eerste moet de man erg oplettend zijn en veel zelfdiscipline opbrengen om net voor het hoogtepunt, de geslachtsgemeenschap te onderbreken. Ten tweede komt er voor de zaadlozing al wat voorvocht uit de penis. Dit voorvocht kan al zeer veel levende zaadcellen bevatten. Uit onderzoek is gebleken dat van alle honderd vrouwen die gedurende één jaar deze methode toepassen er 6 tot 47 zwanger worden.

Lactatieamenorroe

Lactatieamenorroe (LAM) betekent letterlijk: de afwezigheid van de menstruatie tijdens het geven van borstvoeding. Wanneer een vrouw haar kind de borst geeft, komen er hormonen vrij die de eisprong (en uiteindelijk dus ook de menstruatie) onderdrukken. Er komt geen eitje vrij en er kan dus geen zwangerschap ontstaan.

Om LAM te krijgen en te handhaven, moet de borstvoeding aan een aantal voorwaarden voldoen:

  • het kind krijgt uitsluitend borstvoeding (dus geen fles en geen bijvoeding)
  • het kind drinkt uit de borst (dus geen afgekolfde melk)
  • het kind drinkt minimaal om de zes uur (dus ook 's nachts)

Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, is de kans op zwangerschap in de eerste drie maanden na de bevalling een half procent. Tijdens de vierde, vijfde en zesde maand na de bevalling wordt de methode al wat minder betrouwbaar, de kans op zwangerschap is ongeveer twee procent en neemt snel toe. Na een half jaar is de methode niet meer betrouwbaar en moet u andere voorbehoedsmiddelen gaan gebruiken. Dat geldt ook wanneer er meer dan acht weken na de bevalling, vaginaal bloedverlies optreedt.

Natuurlijke anticonceptie (periodieke onthouding)

Natuurlijke anticonceptie houdt in dat u op de momenten dat bevruchting kan optreden, geen geslachtsgemeenschap met elkaar heeft. Elke maand is er een periode van onthouding. Deze periode loopt van een aantal dagen voor de eisprong tot twee dagen daarna, in totaal een ruime week.

Bij deze methode is het belangrijk dat u ongeveer weet wanneer de eisprong optreedt, alleen dan kunt u de onthoudingsperiode bepalen. Deze methode is dan ook alleen geschikt voor vrouwen die een regelmatige cyclus hebben. De eisprong vindt ongeveer veertien dagen voor de menstruatie plaats. Heeft u een cyclus van 28 dagen, dan zal de eisprong ongeveer op de veertiende dag van de cyclus plaatsvinden (gerekend vanaf de eerste dag van de laatste menstruatie). De onthoudingsperiode loopt dan vanaf dag zeven (zeven dagen voor de eisprong) tot aan dag zestien (twee dagen na de eisprong). Er zijn echter maar weinig vrouwen met zo'n regelmatige cyclus.

Natuurlijke anticonceptie is betrouwbaarder wanneer u een aantal lichaamskenmerken van de vrouw observeert en noteert. Aan de hand van deze gegevens is de eisprong nauwkeuriger te bepalen. U kunt daarvoor de volgende methodes toepassen:

  • kalendermethode volgens Ogino-Knaus
  • Billings methode
  • Temperatuurmethode
  • Natural family planning
  • Ovulatietest
  • Persoonlijk computertje (Persona)

Ondanks deze methoden blijft natuurlijke anticonceptie minder betrouwbaar dan bijvoorbeeld de pil, het condoom of het spiraaltje. Van alle honderd vrouwen die een jaar lang een vorm van natuurlijke anticonceptie toepassen, worden er jaarlijks 3 tot 35 zwanger. Deze methoden zijn dan ook alleen geschikt voor vrouwen die een zwangerschap liever nog even zouden uitstellen, maar het niet erg zouden vinden wanneer de anticonceptiemethode faalt en zij toch zwanger zijn. Wilt u absoluut niet zwanger worden, kiest u dan een andere methode voor anticonceptie.

Kalendermethode volgens Ogino-Knaus.

Deze methode om het tijdstip van de eisprong nauwkeuriger te kunnen bepalen, werd in 1930 ontwikkeld. Gedurende zes maanden houdt de vrouw nauwkeurig de lengte van haar cyclus bij en noteert de gegevens. Na deze zes maanden wordt aan de hand van de kortste en de langste cyclus berekend tussen welke dagen de ovulatie plaatsvindt. Was de kortste cyclus bijvoorbeeld 27 dagen en de langste 31 dagen, dan vindt de ovulatie plaats tussen de dertiende (27 min 14) en de zeventiende (31 min 14) dag. De periode van onthouding wordt met deze methode behoorlijk lang, want zeven dagen voor de eisprong tot twee dagen na de eisprong kan bevruchting optreden. In dit geval betekent dat dat tussen de zesde dag (13 min 7) en de negentiende dag (17 plus 2) geen geslachtsgemeenschap moet plaatsvinden.

Temperatuurmethode Tijdens de menstruele cyclus verandert de lichaamstemperatuur van de vrouw. Dit is goed te volgen door dagelijks op het moment van wakker worden de temperatuur te meten. Deze ochtendtemperatuur wordt de basale temperatuur genoemd. Als u zich iedere morgen voor het opstaan temperatuurt en uitzet in een curve krijgt u de zogenoemde basale lichaamstemperatuurcurve. Als u dit een aantal maanden bijhoudt, kunt u doorgaans een vast patroon in de curve herkennen. Aan het begin van de cyclus is uw lichaamstemperatuur wat lager dan aan het eind van de cyclus. Ongeveer in het midden van de cyclus treedt een plotselinge temperatuurstijging op die tot aan de volgende menstruatie blijft bestaan. De temperatuurstijging is het gevolg van de eisprong. Rondom deze temperatuurstijging bent u vruchtbaar, vanaf zeven dagen daarvoor tot twee dagen daarna. Van alle vrouwen die deze methode een jaar toepassen, worden er 9 tot 35 zwanger.

Billings methode Bij de Billings methode wordt het tijdstip van de eisprong geschat door een aantal lichamelijke kenmerken van de vrouw te combineren. Ten eerste wordt de temperatuurmethode gebruikt zoals deze hiervoor werd beschreven. Daarnaast worden de eigenschappen van het slijm van de baarmoedermond beoordeeld. Dit slijm wordt afgescheiden via de vagina en wanneer de vrouw met een toiletpapiertje haar vagina afveegt, is het slijm daarop te zien. Ook kan zij met haar vinger de vagina binnengaan en daarna langzaam weer terugtrekken. Net voor de ovulatie wordt het slijm vloeibaarder en kunnen er lange draden van getrokken worden. Wanneer u een beetje slijm tussen uw vingers houdt en dan langzaam uw vingers van elkaar afbeweegt, zal een lange slijmdraad ontstaan. Dit wordt ook wel de spinnbarkeit van het slijm genoemd. Dit verschijnsel duurt meestal een dag. Het is zeer waarschijnlijk dat de eisprong de volgende dag zal plaatsvinden. Door de gegevens van de temperatuurmethode en de eigenschappen van het slijm te combineren, kunt u het moment van de ovulatie nog wat nauwkeuriger bepalen dan door de temperatuurmethode alleen.

Natural Family Planning Natural Family Planning is een evenals de Billings methode, een anticonceptievorm waarbij verschillende kenmerken van vruchtbaarheid bij de vrouw worden beoordeeld. De temperatuur wordt gemeten, de samenstelling van het baarmoedermondslijm wordt beoordeeld en indien nodig ook de vorm en de weekheid van de baarmoedermond. Dit laatste kan de vrouw beoordelen door met haar vingers de vagina binnen te gaan en de baarmoedermond af te tasten. De Natural Family Planning organisatie geeft hier cursussen in, zodat u samen leert hoe u de kenmerken kunt herkennen, hoe u ze noteert en u hoe aan de hand van eenvoudige regels uw vruchtbaarheid kunt bepalen. De organisatie heeft als doelstelling dat mensen bewuster worden van hun vruchtbaarheid. Daarnaast is Natural Family Planning ook een relatiemethode, omdat u samen bezig bent met de vruchtbaarheid en ten tijde van de onthoudingsperioden op andere manieren uw intimiteit leert te delen dan door geslachtsgemeenschap. De organisatie geeft aan dat van alle honderd vrouwen die de methode op de goede manier toepassen, er jaarlijks zeven zwanger worden.

Persoonlijk computertje (Persona) Er is een computertje op de markt dat u kan helpen bij het bepalen van uw vruchtbare dagen. Tijdens de eerste cyclus dat u het gebruikt, voert u zestien keer een staafje met wat van uw urine erop in de computer. De computer bepaalt de hoeveelheid van een tweetal hormonen in uw urine en door deze gegevens te combineren, kan het moment van de eisprong worden geschat. De twee volgende cycli hoeft u nog maar acht keer een urinestaafje in te voeren. De computer bewaart alle gegevens en wordt zo elke maand nauwkeuriger afgesteld op uw cyclus. Vanaf de vierde maand is het voldoende om vijf keer een urinestaafje in te voeren. Het computerscherm laat een groen lichtje zien wanneer u veilig kunt vrijen. Licht het rode lampje op, dan bent u vruchtbaar. Van alle honderd vrouwen die deze methode een jaar gebruiken, raken er zes in verwachting. Deze computer kan ook worden gebruikt voor vrouwen die juist wel zwanger willen worden; vrijen op de 'rode' dagen geeft dan de meeste kans op zwangerschap.

In samenwerking met

Drs. A.A.H.H. Liedtke - van Eijck (auteur) Drs. W. van Donselaar (consulent) Drs. E.G.C. van Seumeren (consulent)

Bronnen

  • NHG Standaard Anticonceptie 2011
  • Nusselder AE, Kuiper CAG, Dussen J van der, Bos MM, Koning SMJ de, Bock GH de. De pil: reden tot klagen? Een enquête naar klachten die vrouwen toeschrijven aan het gebruik van de anticonceptiepil. Huisarts en Wetenschap 2001;44(1):13-5.
  • Speroff L, Darney PD. A clinical guide for contraception (3rd edition). Philadelphia: Lippincott Williams & Wilkins, 2001. ISBN 0-7817-2984-X.
  • Beerthuizen RJCM. Anticonceptie op maat: van puberteit tot overgang. Winterswijk: Stichting Anticonceptie Nederland, 1998. ISBN 90-9011998-1.
  • Syllabus Pil en IUD in de dagelijkse praktijk. Winterswijk: Stichting Anticonceptie Nederland, 1999.
  • Dossier anticonceptie. Wetenschappelijk Instituut Nederlandse Apothekers, december 2002.
  • Richtlijn Natuurlijke geboorteregeling en barrieremethoden. Nederlandse vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie, nummer 44, 2002.
  • Heineman MJ, Bleker OP, Evers JLH, Heintz APM. Obstetrie en gynaecologie. De voortplanting van de mens. Elsevier gezondheidszorg. Maarssen: 2002.
  • Task Force on Postovulatory Methods of Fertility regulation: World Health organization. Randomised controlled trial of levonorgestrel versus the Yuzpe regimen of combined oral contraceptives for emergency contraception. The lancet 1998;352:428-33.

Pagina laatst aangepast op 24 juni 2019


Gerelateerd