Anticonceptie mislukt

Aandoening 1 maart 2016

Wanneer is de anticonceptie mislukt en bestaat er een kans op zwangerschap?

Dat kan het geval zijn bij:

  • geslachtsgemeenschap in de vruchtbare periode als geen anticonceptie wordt gebruikt
  • het vergeten van een of meerdere pillen in de week voorafgaande aan of volgend op de stopweek als in de 7 dagen* voorafgaande aan het vergeten van de pil(len) onbeschermde geslachtsgemeenschap heeft plaats gevonden (zie ook algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen)
  • het te laat omdoen van een condoom of het scheuren of afglijden van een condoom tijdens de vruchtbare periode als er behalve het condoom geen andere methode van anticonceptie, bijv. de pil wordt gebruikt
  • fouten in de berekening van de vruchtbare dagen bij toepassing van natuurlijke methoden van anticonceptie
  • het te laat terugtrekken van de penis uit de schede als coïtus interruptus de gekozen methode van anticonceptie is
  • het uitblijven van de menstruatie

Als zwangerschap niet gewenst wordt dan is de keuze van behandeling afhankelijk van het tijdstip dat het mislukken van de anticonceptie bekend wordt:

  • tot 3×24 uur na de coïtus kan de morningafter pil Norlevo®, ook wel noodpil genoemd, worden ingenomen
  • tot 5×24 uur na de coïtus kan een morningafter spiraaltje ofwel noodspiraaltje worden geplaatst. Voor gebruik als morningafter spiraaltje zijn alleen de koperspiraaltjes geschikt.
  • na het uitblijven van de menstruatie kan, indien er sprake is van een beginnende zwangerschap, een overtijd behandeling of een abortus worden uitgevoerd. Een overtijd behandeling of een abortus dient plaats te vinden in een instelling die een vergunning heeft voor het uitvoeren van de behandeling. De meeste ziekenhuizen hebben een dergelijke vergunning. De meeste ingrepen worden in Nederland uitgevoerd in gespecialiseerde instellingen voor anticonceptie, seksualiteit en abortushulpverlening. In die instellingen worden ook morningafter spiraaltjes geplaatst.

Mogelijkheden na mislukte anticonceptie

De morningafter pil Norlevo®, ook wel noodpil genoemd, stelt de eisprong enkele dagen uit als de pil wordt ingenomen voorafgaande aan de eisprong. Wordt de morningafter pil op de dag van de eisprong of de dag erna ingenomen dan wordt het transport door de eileiders van een evt. bevruchte eicel vertraagd en het baarmoederslijmvlies dusdanig veranderd dat een bevruchte eicel zich moeilijk kan innestelen. Dat betekent dat de kans op een buitenbaarmoederlijke zwangerschap dan is verhoogd.

Een morningafter spiraaltje ofwel noodspiraaltje verandert het baarmoederslijmvlies zodat innesteling niet meer kan plaatsvinden. Bovendien werkt het koper embryotoxisch. Dat betekent dat een eventuele bevruchte eicel weer wordt afgebroken. Volgens sommigen is er dan sprake van een abortus. De meest gangbare opvatting is evenwel dat er pas sprake is van beginnend leven als innesteling in het baarmoederslijmvlies heeft plaatsgevonden.

Een overtijdbehandeling bestaat ofwel uit het leegzuigen van de baarmoederholte met een dunne katheter op een lege injectiespuit ofwel uit het slikken van de abortuspil. De behandeling dient plaats te vinden voordat de amenorroe 6 weken bedraagt, overeenkomend met een werkelijke zwangerschapsduur van 4 weken. Dat betekent dat de behandeling uitgevoerd moet worden binnen 2 weken na het uitblijven van de menstruatie. Een overtijd behandeling mag uitsluitend plaatsvinden in een ziekenhuis of abortuskliniek met een vergunning volgens de Wet Afbreking Zwangerschap (WAZ). Met uitzondering van enkele confessionele ziekenhuizen beschikken nagenoeg alle ziekenhuizen in Nederland over een dergelijke vergunning. Ook alle erkende abortusklinieken hebben een dergelijke vergunning. Ook de abortuspil mag alleen voorgeschreven worden door artsen verbonden aan een ziekenhuis of abortuskliniek met een vergunning op basis van de WAZ.

Voor het afbreken van een zwangerschap na 6 weken amenorroe, maar korter dan 12 weken amenorroe bij een nullipara (nog niet eerder een bevalling gehad) en 14 weken amenorroe bij een multipara (eerder één of meerder bevallingen gehad) kan de zwangerschapsafbreking plaatsvinden middels een curettage of zuigcurettage. Hierbij wordt de baarmoederholte leeggemaakt met een stompe curette in het geval van een traditionele curettage of wordt de baarmoederinhoud weggezogen bij de zuigcurettage. Deze laatste methode wordt het meest toegepast. De ingreep vindt plaats onder plaatselijke verdoving en de inwendige baarmoedermond wordt hierbij voldoende opgerekt om de te gebruiken zuigbuis in de baarmoederholte te kunnen brengen.

Volgens de WAZ dient een bedenktijd van 5 dagen na het eerste bezoek aan een hulpverlener in acht te worden genomen, voordat tot de ingreep kan worden overgegaan. De eerste hulpverlener zal doorgaans de huisarts zijn, die naar een gynaecoloog in een vergunninghoudend ziekenhuis of naar een abortuskliniek zal verwijzen. Mocht degene naar wie wordt verwezen niet bereid zijn de ingreep te verrichten, dan is deze verplicht de hulpvrager door te verwijzen naar een hulpverlener, die wel bereid is de abortus te verrichten. In dit geval blijft de wettelijk verplichte wachttijd ingaan op de dag, dat de hulpvrager zich tot de eerste hulpverlener, doorgaans dus de huisarts, heeft gewend met het verzoek tot het afbreken van de zwangerschap. Voor een overtijdbehandeling is geen wettelijk voorgeschreven bedenktijd.

Morning-after Middelen

De morningafter pil Norlevo® dient zo spoedig mogelijk na het mislukken van de anticonceptie te worden ingenomen. Bovendien moet bij geslachtsgemeenschap tot aan de volgende menstruatie een barrièremiddel gebruikt worden om te voorkómen dat alsnog zwangerschap optreedt. Zie de barrièremiddelen.

De morningafter pil is in Nederland zonder recept te koop bij drogist, apotheek of online. De morningafter pil wordt vergoed aan vrouwen jonger dan 21 jaar op voorwaarde dat de aflevering op recept geschiedt via de apotheek. Sommige verzekeraars vergoeden de morningafter pil ook via een aanvullende regeling op het basispakket. Ook dan uitsluitend indien een recept bij de apotheek wordt ingediend.

Een morningafter spiraaltje wordt ingebracht door een arts die bekend is met de techniek van het inbrengen. Een morningafter spiraaltje kan bij de eerstvolgende menstruatie worden verwijderd, maar er kan ook besloten worden om het te laten zitten als betrouwbare methode van anticonceptie. Een overtijdbehandeling of abortus vindt plaats in een instelling met een vergunning overeenkomstig de Wet Afbreking Zwangerschap (WAZ).

Hoe betrouwbaar zijn morningafter middelen

De betrouwbaarheid van de morningafter pil Norlevo® hangt af van het tijdstip van het innemen na het mislukken van de anticonceptie. Wordt de Norlevo® ingenomen binnen 24 uur dan voorkomt de behandeling 95% van de te verwachten zwangerschappen. Bij inname tussen 25 en 48 uur is dit percentage nog 85% en bij inname tussen 49 en 72 uur post-coïtum wordt nog slechts 58% van de te verwachten zwangerschappen voorkómen. Verwachte zwangerschappen zijn zwangerschappen die zouden ontstaan op de dag dat de anticonceptie mislukt in relatie tot de natuurlijke vruchtbaarheid op het moment in de cyclus ten opzichte van de eisprong.

Het morningafter spiraaltje is het meest betrouwbaar: meer dan 99% van de te verwachten zwangerschappen wordt voorkomen.

Ook de betrouwbaarheid van de overtijdbehandeling en van een abortus is bijna 100%.

Wat zijn de bijwerkingen van de morningafter middelen

Na gebruik van de morningafter pil kan de eerstvolgende menstruatie enige dagen later komen. Gemiddeld is dat twee dagen. Soms kunnen er eerder al lichte bloedingen ontstaan. Na het inbrengen van een morningafter spiraaltje kan er tot aan de eerstvolgende menstruatie wat bloedverlies zijn of wat bruinige afscheiding.

Bij een overtijdbehandeling of abortus is ook bloedverlies te verwachten zowel na het leegzuigen van de baarmoederholte als na het innemen van de abortuspil. Informatie hierover wordt gegeven door uw behandelaar.

Wanneer naar de huisarts?

U kunt naar de huisarts voor een recept voor de morningafter pil en het morningafter spiraaltje.

Morningafter pil, is het voor u geschikt?

De morningafter pil kan tot 72 uur na de onbeschermde seks ingenomen worden en is voor iedere vrouw geschikt. Alleen als op het moment van de noodzaak voor een behandeling wegens het mislukken van de anticonceptie een trombose bestaat of een aderontsteking in de benen mag de morningafter pil niet worden ingenomen.

Of het morningafter spiraaltje mag worden gebruikt is na te lezen in de folder Spiraaltjes.

Een overtijd behandeling of een abortus is voor iedere vrouw geschikt, mits de termijn van zwangerschap nog niet te lang is, tenzij er ernstige gezondheidsrisico’s bestaan op basis van een ziekte of aandoening. Dit zal door uw huisarts of behandelaar met u worden besproken voordat de ingreep wordt uitgevoerd.

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

Na het innemen van de morningafter pil is het noodzakelijk om bij geslachtsgemeenschap voorafgaande aan de eerstvolgende menstruatie een vorm van anticonceptie te gebruiken. Gebruik van een barrièremiddel is dan het meest geschikt. Zie de folder barrièremiddelen.

Gebruik een morningafter pil niet te vaak en alleen als daar een duidelijke reden voor is. Is het gebruik van de morningafter pil vaker nodig overweeg dan om een betrouwbare vorm van anticonceptie te kiezen. Bij het slikken van de morningafter pil krijgt u net zoveel progestagene hormonen binnen als bij het slikken van een hele pilstrip.

Voor het vergeten van een of meerdere pillen zijn de volgende regels van toepassing:

  • Een vergeten pil is een pil, die 12 uur of langer geleden al ingenomen had moeten worden. Wordt het vergeten van de pil binnen 12 uur ontdekt dan kan de pil alsnog worden ingenomen. De volgende pil moet dan wel weer op de gewone tijd worden geslikt. Meestal betekent dit, dat er op die dag twee pillen moeten worden geslikt! Er bestaat dan geen verhoogd zwangerschapsrisico.
  • Worden er 2 of meer pillen vergeten tijdens de eerste week na de stopweek en is er onbeschermde geslachtsgemeenschap geweest gedurende 7 dagen* voorafgaande aan het vergeten van de pil ook al was dat in de stopweek dan dient er een morningafter pil te worden ingenomen. Bovendien moet dan de pilstrip gewoon worden afgemaakt en is aanvullende anticonceptie gedurende de eerste week. Barrièremiddelen zoals een condoom zijn hiervoor geschikt.
  • Bij het vergeten van 2 of meer pillen in de laatste week van de pilstrip is de stopweek feitelijk al begonnen op de eerste dag dat de pil is vergeten. Er zijn dan twee mogelijkheden. Stoppen met de pil en op zijn laatst weer beginnen met een nieuwe pilstrip 7 dagen na het vergeten van de pil of de pil doorslikken en direct doorgaan met de volgende pilstrip zonder stopweek. Die strip hoeft niet helemaal te worden afgemaakt maar er mag pas mee gestopt worden als tenminste 7 opeenvolgende dagen de pil weer iedere dag op tijd is ingenomen.
  • Bij het vergeten van een of meerdere pillen (maximaal 3) in de tweede week van de pilstrip is er geen verhoogd zwangerschapsrisico. Neem de laatst vergeten pil alsnog in en maak de strip af. Er hoeven verder geen extra maatregelen genomen te worden.
  • Bij het vergeten van 4 of meer pillen in de tweede week van de pilstrip is aanvullende gebruik van een andere vorm van anticonceptie nodig tot de pil weer 7 dagen genomen is. Neem de laatst vergeten pil alsnog in en maak de strip af.
  • Als de stopweek langer dan 7 dagen heeft geduurd dan is er bij geslachtsgemeenschap tijdens de eerste week van de nieuwe pilstrip een verhoogd zwangerschapsrisico en is het aanvullend gebruik van een andere vorm van anticonceptie noodzakelijk gedurende 7 dagen.
  • Heeft er geen geslachtsgemeenschap plaats gevonden gedurende 7 dagen voorafgaande aan het vergeten van de pil dan kan volstaan worden met het alsnog innemen van de vergeten pil(len). Wel dient dan bij geslachtsgemeenschap in de 7 dagen na het vergeten van de pil aanvullende anticonceptie, bijv. een condoom te worden gebruikt.

Bovenstaande adviezen zijn van toepassing voor de meest gebruikte pil: de combinatiepreparaten.

In samenwerking met

Dr. R.J.C.M. Beerthuizen (auteur)
Drs. S. Verlinden (consulent)

Bronnen