Anticonceptie barrièremiddelen

Wat zijn barrièremiddelen?

Barrièremiddelen zijn middelen die verhinderen dat de zaadcellen de baarmoedermond kunnen bereiken. Het meest bekend is het condoom, dat om de stijve penis wordt gedaan. Condooms zijn meestal van rubber gemaakt en zijn er in verschillende maten, vormen, kleuren en al dan niet al voorzien van een zaaddodend middel. Bij overgevoeligheid voor rubber kan een latexvrij condoom gebruikt worden.

Daarnaast zijn er het vrouwencondoom, het pessarium occlusivum en de Femcap®. Deze middelen worden in de vagina ingebracht. Het vrouwencondoom bestaat uit kunststof met daarin twee soepele ringen van rubber. Er is maar één maat beschikbaar.

Het pessarium occlusivum (diafragma) is een soepele gesloten rubberen ring, die diep in de schede wordt geplaatst. Er zijn meerdere maten beschikbaar. Een pessarium moet worden aangemeten door een arts, die daar ervaring mee heeft.

De Femcap® is gemaakt van siliconen en wordt op de baarmoedermond geplaatst. Er zijn 3 maten: small, medium en large. De kleinste (small) is bedoeld voor vrouwen die nog nooit zwanger zijn geweest; de middelste (medium) voor vrouwen die wel zwanger zijn geweest maar geen gewone bevalling hebben gehad zoals na een miskraam of keizersnede. De grootste (large) is voor vrouwen die 1 of meerdere vaginale bevallingen hebben gehad.

Hoe werken barrièremiddelen?

Door het verhinderen van de doorgang van de zaadcellen kunnen deze niet via de baarmoederhals, de baarmoeder en de eileiders bij de eierstokken komen, zodat geen bevruchting kan plaatsvinden. Omdat het condoom soms afglijdt of scheurt en de middelen die in de vagina worden gebracht niet altijd de vagina volledig afsluiten is het gelijktijdig gebruik van zaaddodende middelen noodzakelijk om evt. resterende actieve zaadcellen onschadelijk te maken. Zaaddodende middelen (spermiciden) zijn er in de vorm van crème, pasta, gel of schuim.

Hoe gebruikt u anticonceptie barrièremiddelen?

Het condoom wordt om de stijve penis aangebracht vóórdat er contact is geweest met vagina of anus. Gebruik een passend condoom en zorg ervoor dat het condoom goed is bewaard, niet te lang in de zon heeft gelegen, de vervaldatum niet is verstreken en het condoom niet beschadigd wordt bij het halen uit de verpakking bijvoorbeeld door scherpe nagels.

Leg het opgerolde condoom op de eikel, de condoomrand moet aan de buitenkant liggen. Knijp het topje van het condoom ongeveer 1 cm dicht met duim en wijsvinger om te voorkomen dat er lucht in het topje zit, anders kan het condoom knappen. Rol het condoom helemaal over de penis en let erop dat de condoomrand zich aan de buitenkant bevindt. Mocht dit niet het geval zijn, zal het afrollen van het condoom niet lukken en kan beter een ander condoom genomen worden. Houd na het klaarkomen het condoom aan de rand vast en trek de penis terug uit de vagina. Wacht hier niet te lang mee: hoe slapper de penis hoe makkelijker het condoom kan afglijden. Let er op dat er geen sperma aan de handen komt, want daarmee kan de partner alsnog zwanger raken of, indien het condoom gebruikt wordt ter bescherming tegen seksueel overdraagbare aandoeningen alsnog besmet raken. Voorkom dit en was uw handen voor u verder vrijt. Maak na het gebruik een knoopje in het condoom en gooi het weg in de vuilnisbak, doe dat niet in het toilet vanwege de kans op verstopping.

Het vrouwencondoom dient in de vagina te worden geplaatst vóórdat er contact is geweest met de penis. Het vrouwencondoom bevat twee ringen. Om de betrouwbaarheid te vergroten wordt eerst een zaaddodend middel in de vagina ingebracht. Vervolgens wordt de kleinste ring diep in de schede ingebracht voor de baarmoedermond. De grootste ring komt aan de buitenkant van de schede en sluit deze zo af.

Het pessarium occlusivum (diafragma) dient in de vagina te worden geplaatst vóórdat er contact is geweest met de penis. Aan de kant waar het diafragma tegen de baarmoedermond wordt geplaatst dient eerst een zaaddodend middel te worden aangebracht. Na het inbrengen van het diafragma wordt eveneens een zaaddodend middel in de schede gebracht. Zonodig kan na twee uur opnieuw een dosis van het zaaddodende middel worden toegevoegd. Het pessarium kan het beste nog een uur of zes na de geslachtsgemeenschap in de schede gelaten worden om de zaaddodende middelen hun werk te laten doen. Daarna dient het diafragma verwijderd te worden. In tegenstelling tot een condoom kan een diafragma meerdere malen worden gebruikt.

De Femcap® dient op de baarmoedermond te worden geplaatst vóórdat er contact is geweest met de penis. Eerst wordt een zaaddodend middel aangebracht aan de kant van de baarmoedermond. De breedste rand van de Femcap® hoort aan de achterzijde tegen de vaginawand aan te komen liggen. Als extra zekerheid wordt daarna ook wat van het zaaddodende middel in de schede gebracht. Dit kan na twee uur zonodig worden herhaald. De Femcap® zuigt zich als het ware vast op de baarmoedermond en mag in tegenstelling tot het pessarium occlusivum langer blijven zitten (tot 48 uur). Het kan tot 4 uur voorafgaande aan de geslachtsgemeenschap worden ingebracht. Kijk voor instructies ook op de site van Femcap®.

Hoe betrouwbaar is anticonceptie barrièremiddelen?

De betrouwbaarheid is sterk afhankelijk van de zorgvuldigheid van de toepassing van de methode. In theorie kan een betrouwbaarheid van ongeveer 98% worden bereikt. In de praktijk worden echter 5 tot 20% van degenen, die een van deze methoden gebruiken, jaarlijks zwanger.

Wat zijn de bijwerkingen van anticonceptie barrièremiddelen?

Soms kan bij gebruik van condoom of pessarium een rubberallergie ontstaan. Een latexvrij condoom, vrouwencondoom of Femcap® zijn dan mogelijke alternatieven. Een condoom kan scheuren of afglijden. Gebeurt dat in de vruchtbare periode dan is soms het gebruik van een morningafter pil nodig. Zie ook de folder mislukte anticonceptie.

Indien er sprake is van een latexallergie is het belangrijk dit te laten vaststellen door een arts. In een ziekenhuis wordt bijvoorbeeld gewerkt met latex handschoenen, waardoor er tijdens een eventuele operatie complicaties optreden. Laat uw vermoedens van een latexallergie dus altijd vaststellen door een arts.

Wanneer naar de huisarts?

Voor het aanmeten van een pessarium occlusivum (diafragma) is een eenmalig bezoek aan de huisarts of een arts die een diafragma kan aanmeten nodig. Als na een bevalling opnieuw een pessarium wordt gebruikt dan zal het pessarium opnieuw aangemeten moeten worden. Meestal is dan een grotere maat nodig.

Condooms zijn te koop bij drogist, apotheek of online.

Vrouwencondooms ( Femidon® , Cupid) zijn te koop bij de meeste apotheken en drogisten, je kunt ze ook online bestellen. Dit geldt ook voor de Femcap®. Een bezoek aan de huisarts is niet nodig als besloten wordt condoom, vrouwencondoom of Femcap® te gaan gebruiken.

Anticonceptie barrièremiddelen, is het voor u geschikt?

Als gekozen wordt voor een methode, die geen invloed heeft op het normale beloop van de cyclus of als geen hormonale of intra-uteriene middelen gebruikt mogen worden zijn de barrièremiddelen geschikt. Ook bij incidentele seksuele contacten kunnen deze middelen gebruikt worden. Wel is het verstandig om dan een morningafter pil bij de hand te hebben.

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

  • Gebruik een passend condoom.
  • Gebruik nooit twee condooms over elkaar: de kans dat de condooms scheuren is dan te groot.
  • Gebruik bij anale seks extra stevige condooms en veel glijmiddel.
  • Bewaar condooms op kamertemperatuur en let op de vervaldatum.
  • Barrièremiddelen beschermen behalve tegen zwangerschap ook tegen seksueel overdraagbare aandoeningen. Dit geldt echter niet voor de Femcap®. Als bescherming tegen zwangerschap alleen zijn er echter methoden, die aanzienlijk betrouwbaarder zijn. Als geen andere middelen erbij gebruikt worden zorg dan dat er een morningafter pil achter de hand is voor geval het condoom afglijdt of scheurt.

In samenwerking met

Dr. R.J.C.M. Beerthuizen (auteur) Drs. N. Bos (consulent)

Bronnen

  • NHG-standaard Anticonceptie
  • Rutgers Kenniscentrum voor seksualiteit 
  • Beerthuizen RJCM Anticonceptie op maat: Van puberteit tot overgang. Tweede druk, tweede gewijzigde oplage 2004
  • WHO: Medical Eligibility Criteria for Contraceptive Use Third Edition 2005

Pagina laatst aangepast op 24 juni 2019