Allergie voor kippenei en/of soja

Wat is een allergie voor kippenei en/of soja?

Voedselallergie houdt in dat er in het lichaam een abnormale reactie van het afweersysteem optreedt na het nuttigen van een bepaald voedingsmiddel. In het geval van kippeneiwit-allergie treedt zo’n reactie op na het eten van voeding dat kippen-eiwit bevat. Bij een soja-allergie gebeurt dat na het nuttigen van voeding dat soja-eiwit bevat. Naast koemelkallergie behoren kippenei-allergie en soja-allergie tot de meest voorkomende voedselallergieën die soms al op de zuigelingenleeftijd optreden.

Een kind kan allergisch zijn voor diverse voedingsmiddelen en soms meerdere voedingsmiddelen tegelijkertijd. De manier waarop de allergie zich uit, is niet afhankelijk van het voedingsmiddel. In dit artikel over kippenei en soja kunt u ook  algemene informatie vinden over andere allergiëen, bijvoorbeeld vis of tarwe. Voor specifieke adviezen verwijzen we u naar uw arts of diëtist.

Symptomen allergie voor kippenei en/of soja

Een allergie voor kippen-eiwit of soja-eiwit kan zich uiten in eczeem (constitutioneel eczeem). Ze kan echter ook een anafylactische reactie teweegbrengen. Dit is een heftige allergische reactie, waarbij zwellingen van de huid, galbulten, kortademigheid en uiteindelijk zelfs een allergische shock kunnen optreden. Gelukkig is dit zeer zeldzaam.

Waarom het ene kind met eczeem reageert en het andere met zo’n hevige anafylactische reactie is niet bekend. Sommige kinderen kunnen ook reageren met lokale zwelling van de huid als die in contact komt met een voedingsmiddel dat kippenei of soja bevat, of met spugen en buikpijn na het eten van een ei- of sojahoudend voedingsmiddel.

Als ouder kunt u een kippenei-allergie of soja-allergie herkennen doordat het kind reageert na het eten van kippenei of soja. Dit is echter in de praktijk lang niet altijd even duidelijk, omdat heel veel voedingsmiddelen kleine hoeveelheden kippenei of soja bevatten. Belangrijke uitlokkers van kippenei-allergie zijn koek, cake en mayonaise. Soja zit vaak in koek en zakjes sauspoeder, en in grote hoeveelheden in tofu en ketjap. Een bijkomend probleem is dat bij eczeem de reactie vaak laat en traag optreedt op basis van dagelijks niet-bewust gegeten sporen kippenei of soja.

Hoe ontstaat een allergie voor kippenei en/of soja?

Allergische reactie Bij de meeste kinderen veroorzaakt kippenei-eiwit of soja-eiwit geen klachten. Bij een aantal kinderen echter reageert het afweersysteem op deze stukken eiwit. Kippenei-eiwit kan overigens zowel in de dooier als in het wit van het ei zitten (met eiwit wordt hier bedoeld de algemene naam voor bepaalde bouwstoffen in voeding, naast koolhydraat en vet). Wanneer het afweersysteem van deze allergische kinderen het kippenei-eiwit of soja-eiwit voor het eerst opmerkt, gaat het allergische antistoffen maken. Het kindje merkt hier niets van.

De volgende keren dat het afweersysteem in contact komt met het kippenei-eiwit of soja-eiwit, wordt het herkend en aan de antistoffen gekoppeld. Deze koppeling leidt ertoe dat de afweercel waar de antistoffen aan vastgekoppeld zitten, de zogenaamde mestcel, openbreekt. De inhoud van deze mestcellen, voornamelijk histamine, komt terecht in het bloed en in de slijmvliezen van longen, neus en darmen. Histamine is de stof die verantwoordelijk is voor de verschijnselen die kunnen optreden bij kippenei-allergie en soja-allergie.

Atopische constitutie Bij kippenei-allergie en soja-allergie speelt de erfelijke aanleg om allergisch te kunnen reageren een belangrijke rol. Dit wordt atopische constitutie genoemd. Naast voedselallergie kunnen deze kinderen ook te maken krijgen met allergische neusklachten, hooikoorts, astma en eczeem (constitutioneel eczeem of dauwworm). Als een kind een vader en/of moeder en/of een ouder broertje of zusje heeft met voedselallergie of astma, is de kans groter dat dit kind een atopische constitutie heeft bij de geboorte. Deze kans neemt toe naarmate meer gezinsleden dergelijke klachten hebben (gehad).

Uitlokkende factoren Niet elk kind met een atopische constitutie krijgt een kippenei-allergie of soja-allergie. Voor een deel wordt dit veroorzaakt door voorzorgsmaatregelen die ouders nemen, met name het pas op latere leeftijd geven van voedingsmiddelen die ei of soja bevatten. Hierover leest u later meer. Daarnaast spelen uitlokkende factoren een rol. Dat wil zeggen dat de allergie kan ontstaan op een moment dat de darmen niet in optimale conditie zijn. Zoals na een flinke buikgriep. De darmen zijn dan extra doorlaatbaar voor stukjes eiwit, waardoor de kans dat het afweersysteem in het bloed gaat reageren groter wordt.

Niet altijd is duidelijk wanneer een kind voor de allereerste keer met kippenei of soja in aanraking is gekomen. Waarschijnlijk worden bepaalde kippenei-eiwitten en soja-eiwitten via de moedermelk doorgegeven.

Is het ernstig en wat kunt u verwachten?

Allergieën voor kippenei-eiwit en soja-eiwit kunnen zich zoals gezegd op verschillende manieren uiten. Als er sprake is van mild eczeem en het kind goed reageert op een kippenei-vrij of sojavrij dieet is de ziekte niet ernstig, eerder lastig. Als er echter een anafylactische reactie is opgetreden, is de kans groot dat dit opnieuw gebeurt als er weer kippenei of soja wordt gegeten. Dit levert vaak angst en diverse praktische problemen op. Tussendoor is het kind echter niet ziek, als het maar niet in contact komt met kippenei of soja.

Vaccinaties Recent is aangetoond dat kinderen die overgevoelig zijn voor kippenei, het normale vaccinatieprogramma mogen volgen. Ook de vaccinatie tegen bof, mazelen en rode hond levert geen gevaar op voor de gezondheid van kinderen met kippenei-allergie. Kinderen met een soja-allergie mogen eveneens het normale vaccinatieprogramma volgen.

Beloop De meeste kinderen zullen tegen de leeftijd van twee jaar over hun kippenei-allergie of soja-allergie heen groeien, maar de allergie kan ook levenslang voortbestaan. Dit is bij het eerste begin van de klachten niet te voorspellen.

Anafylactische reactie Soms reageert iemand zo sterk op kippen-eiwit en soja dat een anafylactische reactie optreedt. Dit is gelukkig zeldzaam. Een anafylactische reactie treedt snel (binnen minuten tot een uur) na het eten van een voedingsstof met kippen-eiwit en soja op en kan bestaan uit:

  • Rood gezicht
  • Warm gevoel
  • Jeuk rond of in de mond
  • Jeuk aan de handpalmen of voetzolen
  • Tranende ogen, niezen en/of loopneus
  • Galbulten: jeukende rode bultjes die samen grote bulten vormen
  • Zwelling van tong, lippen en oogleden
  • Moeilijkheden met slikken en praten door zwelling van tong en de keel
  • Misselijkheid, braken, buikpijn en diarree
  • Kortademigheid met piepen, een astma-aanval
  • Duizeligheid, neiging tot flauwvallen en uiteindelijk bewusteloosheid

Wanneer naar de huisarts?

Direct naar de huisarts U moet met uw kindje direct naar de huisarts gaan als:

  • uw kindje erg suf wordt of het bewustzijn verliest (112 bellen)
  • uw kindje zich direct na het eten ineens erg angstig en onrustig gedraagt (112 bellen)
  • de oogleden en/of lippen van uw kindje opzwellen en uw kindje kortademig wordt en gaat kwijlen (112 bellen)
  • de huid boven en onder de ribben van uw kind tijdens de inademing naar binnen trekt
  • uw kindje tijdens de ademhaling een gierend en piepend geluid maakt
  • uw kindje diarree heeft en al langer dan een dag minder dan de helft drinkt van wat gebruikelijk is
  • uw kindje andere symptomen heeft waarover u zich ernstig zorgen maakt

Afspraak maken bij de huisarts Als uw kind eczeem heeft waarvan u vermoedt dat het wordt uitgelokt door de voeding, heeft het zin naar de huisarts te gaan of het te bespreken met de arts op het consultatiebureau. De huisarts kan bloedonderzoek doen naar het bestaan van een allergie voor bepaalde voedingsmiddelen. Het kan zijn dat u wordt doorverwezen naar een specialist voor speciale huidtesten om een allergie op te sporen.

Wat kunt u er zelf aan doen?

Als kippenei of soja een allergie veroorzaakt, moet het worden geweerd uit de voeding, dat wil zeggen ook de spoortjes. Meestal kunt u dit zelf aan de hand van de etiketten. Soms is hiervoor de hulp van een diëtist nodig, want helaas zijn er nog steeds producten met foutieve, onvolledige of helemaal geen meldingen. Via uw arts, diëtist of bij de stichting voedselallergie kunt u etikettenhulpen en lijsten aanvragen die u helpen bij het kiezen van veilige voedingsmiddelen. Daarnaast zijn via het Voedingscentrum zogenaamde merkartikelenlijsten (Alba-lijsten) te verkrijgen. Het is belangrijk dat u regelmatig controleert of de lijsten zijn aangepast of bijgewerkt. Zo blijft u up-to-date.

Als uw kind al een kippenei-allergie of soja-allergie heeft, terwijl het alleen nog maar borstvoeding krijgt, heeft het zin om als moeder op dieet te gaan Het is dan verstandig om begeleiding door een diëtist te vragen. Deze kan dan ook adviseren met welke bijvoeding uw kindje veilig kan beginnen. Moedermelk vervangende zuigelingenvoeding is kippenei- en sojavrij. Dit geldt niet voor allerlei koekjes, potjes enzovoorts.

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

Goede voeding Bij kinderen met een grotere kans op het ontwikkelen van voedselallergie, de kinderen met een atopische constitutie dus, kunnen klachten soms worden voorkomen door het kiezen van de juiste voeding. Dit is met name de eerste zes maanden belangrijk, omdat de darm dan nog veel stukken eiwit doorlaat die een allergische reactie kunnen uitlokken. De adviezen die gegeven worden over de juiste voeding voor kinderen met een atopische constitutie, lopen uiteen. Dit is het gevolg van het vele onderzoek dat ernaar wordt gedaan en de verschillende resultaten die ermee worden behaald. Het kan daarom best zijn dat een andere ouder elders een ander advies heeft gekregen dan u. Belangrijk is dat u zich probeert te houden aan één advies. Wanneer u verschillende dingen tegelijk of kort na elkaar uitprobeert, is uiteindelijk niet meer duidelijk welke maatregel welk effect heeft gehad. Dit kan er toe leiden dat uw kind uiteindelijk meer beperkingen in zijn dieet overhoudt, dan werkelijk nodig is.

Borstvoeding Kinderen waarvan ten minste één ander gezinslid last heeft (gehad) van uitingen van het atopisch syndroom (astma, voedselovergevoeligheid, allergische neusklachten, hooikoorts of constitutioneel eczeem) kunnen het beste gedurende zes maanden uitsluitend borstvoeding krijgen. De moeder mag hierbij alles eten en drinken. Uit onderzoek is gebleken dat een allergeenvrij dieet van de moeder bijna nooit een voedselallergie bij het kind voorkomt. Is een allergie eenmaal ontstaan, dan heeft een dieet bij de zogende moeder vaak wel een gunstig effect.

Flesvoeding Als er geen sprake is van een koemelkallergie, hoeft geen speciale hypoallergene flesvoeding te worden gebruikt. Zuigelingenvoeding bevat namelijk geen kippenei of soja. Wanneer uw kindje wel een koemelkallergie heeft, kunt u overstappen op hypoallergene zuigelingenvoeding. Ook deze voeding bevat geen kippenei of soja. Bij kinderen met koemelkallergie is het beslist onverstandig om over te stappen op zuigelingenvoeding op basis van soja. Deze kinderen hebben namelijk een grotere kans om ook een soja-allergie te ontwikkelen, met alle beperkingen van dien.

Bijvoeding Bij kinderen waarvan ten minste één gezinslid een ernstige vorm van allergie heeft, is het verstandig om pas na zes maanden te beginnen met bijvoeding. De introductie van groente en fruit moet langzaam en stap voor stap gebeuren. De eerste dag één theelepeltje, de volgende dagen een paar theelepeltjes en zo verder. Gaat u een nieuwe soort groente of fruit geven, begin dan weer met één theelepeltje, eventueel aangevuld met fruit of groente dat uw kindje al kent. Op deze manier kan per voedingsmiddel worden nagegaan of dit bij uw kindje een allergie opwekt. Producten die bij veel mensen allergieën opwekken, kunt u het beste pas geven na de derde verjaardag. Dit zijn vooral noten, pinda’s, zaden, pitten, vis, schaal- en schelpdieren.

Traktaties Op de peuterspeelzalen en de kinderdagverblijven is het de gewoonte dat jarige kinderen trakteren. Voor allergische kinderen kan dit problemen opleveren. Het is handig als u de leiding op de hoogte stelt van de allergie van uw kind. Een lijst met wat het wel en niet mag hebben, is hierbij een handig hulpmiddel. De ouders van andere kinderen kunt u vragen bij de keuze van hun traktatie rekening te houden met de allergie van uw kind. Dit kan heel goed door een brief te schrijven en eventueel suggesties te doen voor traktaties die uw kind wel mag hebben. Voor het geval dat één van de ouders het vergeet, kunt u de leiding een trommeltje geven met lekkers dat uw kind mag hebben. Bij een verkeerde traktatie kan uw kind dan wat lekkers uit zijn eigen trommeltje kiezen.

Uit eten In veel gevallen groeien kinderen over hun kippenei-allergie of soja-allergie heen. Zolang dit nog niet het geval is, moet u voorkomen dat het kind kippenei of soja binnenkrijgt. Wanneer u met een jonge peuter buiten de deur gaat eten, kunt u het beste een flesje of hapje voor het kind meenemen.

Er zijn in Nederland veel restaurants die rekening houden met allergische kinderen. In de folder ‘weet wat je eet’ van de stichting Voedselallergie staan de namen van deze restaurants vermeld.

In samenwerking met

Drs. A.A.H.H. Liedtke-van Eijck (auteur) Drs. A.M.H. Bijl (consulent)

Bronnen

  • Boyano Martinez T, Garcia-Ara C, Diaz-Pena JM, Munoz FM, Garcia Sanchez G, Esteban MM. Validity of specific IgE antibodies in children with egg allergy. Servicio de Alergia Infantil, Hospital Universitario La Paz, Madrid, Spain. Clin exp allergy 2001 sep; 31(9):1464-9.
  • Eshuis NH. Adverse reactions to food. European federations of asthma and allergy associations. Leusden: 1997.
  • Gersham N. MMR vaccination is safe in egg-allergic children: new recommendantions from the AAP. Asthma and allergy associates of Florida.
  • James JM, Burks AW, Roberson PK, Sampson HA. Safe administration of the measles vaccine to children allergic to eggs. Department of Pediatrics, Arkansas Children's Hospital Research Institute, Little Rock, USA. N Engl J Med 1995; may 11: 332 (19): 1262-6.
  • Sampson HA, Ho DG.Relationship between food-specific IgE concentrations and the risk of positive food challenges in children and adolescents. Johns Hopkins University School of Medicine, Baltimore, MD 21287-3923, USA. J Allergy Clin Immunol 1997 Oct;100(4):444-51.
  • Tariq SM, Matthews SM, Hakim EA, Arshad SH. Egg allergy in infancy predicts respiratory allergic disease by 4 years of age. The David Hide Asthma and Allergy Research Center, St Mary's Hospital, Newport, Isle of Wight, UK. Peadiatr allergy Immunol 2000 aug; 11(3):162-7.
  • Compendium dieetproducten en voedingsmiddelen 2000/2001. Bohn Stafleu Van Loghum. Houten, 2000.
  • Kindergeneeskunde. Onder redactie van JL van den Brande. Tweede herziene druk. Wetenschappelijke uitgeverij Bunge, Utrecht., 1993.
  • Stichting voedselallergie
  • NHG Standaard Voedselovergevoeligheid 2010

Pagina laatst aangepast op 24 juni 2019


Gerelateerd