Bij een platvoet is het gewelf (met andere woorden de boog) in het midden van de voet aan de binnenzijde niet aanwezig. De hele voetzool raakt de grond.
Normaal raakt de voet alleen met de hiel, de buitenste voetrand, de voorvoet en de tenen de grond. De hiel staat bij een platvoet vaak naar buiten.
Er zijn twee soorten platvoeten; de soepele en de contracte of ook wel starre platvoet genoemd. Bij de soepele platvoet zal het gewelf een normale vorm aannemen bij zitten of op de tenen staan. Bij de veel zeldzamere contracte platvoet zal dat niet gebeuren.
Bij kinderen tussen de 2 en 5 jaar, heeft 30% platvoeten, deze zullen in nagenoeg alle gevallen spontaan met de jaren verdwijnen.
Bij volwassenheid heeft nog slechts 3% platvoeten.
Presentatie: Chimène van Oosterhout