Slaap is een verlaging van het bewustzijn. Mensen reageren tijdens hun slaap niet meer op de dingen die om hen heen gebeuren.
Slapen en waken worden gestuurd door een aangeboren 'biologische klok'.
Dit ritme van slapen en wakker zijn, valt meestal samen met de dag en nacht.
Bij de meeste mensen duurt een periode waarin slapen en wakker zijn elkaar opvolgen zo’ n 24 tot 28 uur.
Verschillende stadia
Tijdens de slaap doorloopt u ongeveer vier tot zes maal een verschillend stadium. In de eerste drie stadia ontspannen de spieren zich steeds meer en wordt de slaap steeds dieper.
Doezelperiode
De slaap begint met de 'doezelperiode' waarin uw gedachten hun eigen weg gaan.
Sluimerslaap
Daarna komt de 'sluimerslaap'.
Deltaslaap
De sluimerslaap gaat over in een nog diepere slaap (deltaslaap).
REM-slaap
Ongeveer anderhalf uur na het inslapen, begint de REM-slaap (Rapid Eye Movements), ofwel de 'droomslaap'. Deze slaap is lichter.
De ogen bewegen snel heen en weer, de hartslag en de lichaamstemperatuur gaan omhoog. Wanneer u tijdens de droomslaap gewekt wordt, zult u meestal uw droom nog kunnen herinneren.
Presentatie: Chimène van Oosterhout