
Roos is een overmatige, droge schilfering van de hoofdhuid die wordt veroorzaakt door de gist Pityrosporon ovale. In de medische wereld wordt roos ook wel pityriasis capitis genoemd. Het is een veel voorkomend probleem in Nederland, de meeste mensen hebben er wel eens last van.
Roos kunt u herkennen aan droge, witte schilfers op de hoofdhuid. De schilfers laten makkelijk los en bevinden zich daarom ook tussen de haren en op kleding. De aandoening kan gepaard gaan met lichte jeuk.
Door veel te krabben kan er een ontsteking van de huid optreden. Dit herkent u aan roodheid, zwelling en pijn.
Roos is lastig te onderscheiden van seborrhoïsch eczeem. In wezen is roos hier een lichte variant van. Bij kinderen wordt seborrhoïsch eczeem vaak berg genoemd.
Hier vindt u een aantal verschillen tussen roos en seborrhoïsch eczeem.
Roos
Plaats: hoofdhuid
Schilfers: droog en wit
Kleur hoofdhuid: normaal
Jeuk: licht
Seborrhoïsch eczeem
Plaats: hoofdhuid, wenkbrauwen, baardstreek, neusvleugels
Schilfers: vettig en geel
Kleur hoofdhuid: rood
Jeuk: vrij heftig
De hoofdhuid wordt steeds vernieuwd. De cellen in de huid delen zich en vormen steeds een nieuwe laag. De ‘oude’ cellen gaan dood en laten los. De schilfertjes die hierdoor ontstaan, zijn zo klein dat ze niet opvallen. Bij mensen met roos delen de cellen van de hoofdhuid zich twee keer zo snel. Er ontstaan daardoor meer dode cellen dan anders. Deze plakken aan elkaar vast en vormen schilfers die we wel kunnen zien.
De oorzaak van de versnelde deling van de cellen is waarschijnlijk een infectie met de gist Pityrosporon ovale . Deze gist is bij iedereen aanwezig op de huid. Toch heeft niet iedereen er last van; de gevoeligheid voor deze gist is verschillend van persoon tot persoon.
De gist voelt zich prettig in een vochtige en warme omgeving. Mensen die vaak een helm, muts of hoed dragen, hebben er bijvoorbeeld meer last van.
Roos is medisch gezien een onschuldige aandoening. In sociaal opzicht kan het erg vervelend zijn vanwege het feit dat de schilfers zo goed zichtbaar zijn op (donkere) kleding. Roos verdwijnt in de meeste gevallen vanzelf, maar kan na enige tijd wel weer terugkomen.
Voor roos op zich hoeft u niet naar de huisarts te gaan. U kunt wel een afspraak maken als:
In deze gevallen is er sprake seborrhoïsch eczeem. Lichte vormen hiervan kunt u hetzelfde behandelen als roos. Heftigere vormen reageren hier meestal niet voldoende op. De huisarts kan u middelen voorschrijven die wel werken.
Roos kunt u behandelen met antiroosshampoo. Er zijn verschillende merken in de handel. De meesten bevatten of seleniumsulfide of zinkpyrithion. Beide stoffen maken de gist die roos veroorzaakt onschadelijk.
U kunt het beste een middel kiezen met zinkpyrithion, dit heeft namelijk in tegenstelling tot seleniumsulfide geen invloed op de talgproductie. Uw haar wordt er niet sneller vet door. Op de verpakking kunt u lezen hoe u de shampoo het beste kunt gebruiken.
Als u een van de antiroosshampoo’s heeft geprobeerd en het heeft niet geholpen, dan kunt u het beste nog een ander merk proberen. Het ene middel werkt soms beter dan het andere.
Een goede mogelijkheid van behandeling is het gebruik van ketaconazolcrème. Na een lichte bevochtiging van het haar smeert men de crème op de hoofdhuid. Gedurende de nacht laten intrekken en 's morgens uitwassen met een shampoo. Deze behandeling kan men een of twee maal per week uitvoeren met een gunstig resultaat. Voor het onderhoud gebruikt men dan een antiroosshampoo.
Besmetting met de veroorzaker van roos is eigenlijk niet te voorkomen. U kunt groei van de gist beperken door regelmatig uw haar goed te wassen en zo min mogelijk een helm, hoed of muts te dragen.
Drs. A.A.H.H. Liedtke - van Eijck (auteur)
Drs. H.W.J. Verblackt (consulent)
Drs. E.J. de Kreek (consulent)