Dit medicijn is uitsluitend op recept verkrijgbaar (= UR-geneesmiddel).
EU/1/07/387/002 EU/1/07/387/004 eu/1/07/387/008 eu/1/01/07/387/011
Tacrolimus
Immuno-suppressiva (= afweer-onderdrukkende middelen)
Capsules met verlengde afgifte: 0,5 mg, 1 mg, 3 mg of 5 mg tacrolimus per capsule
Immuno-suppressie , onderdrukking van afstotingsreacties na orgaan- en weefseltransplantaties
Lees ook de bijsluiter voor informatie over de toepassing van dit medicijn.
Infecties, bepaalde (virussen, parasieten of schimmels)
Overgevoeligheid voor dit middel, voor een of meer van de bestanddelen, voor macroliden of voor gepolyoxyethyleerde rhicinus-olie
Breng ook een vervangende arts of medisch specialist op de hoogte van eventuele andere ziekten of klachten die u heeft. Hiermee kunt u voorkómen dat u verkeerde medicijnen krijgt voorgeschreven.
Lees ook de bijsluiter om te zien wanneer dit medicijn niet mag worden gebruikt.
Er zijn onvoldoende gegevens bekend om de eventuele schadelijkheid van dit medicijn tijdens de zwangerschap goed te kunnen beoordelen.
In dierproeven is dit middel schadelijk gebleken voor de vrucht.
Dit middel niet gebruiken tijdens de zwangerschap.
De werkzame stof gaat over in de moedermelk.
Tijdens gebruik van dit middel geen borstvoeding geven.
Lees altijd de patiëntenbijsluiter van een medicijn, vooral wanneer u van plan bent zwanger te worden of dat al bent of borstvoeding wilt geven of die al geeft.
Er zijn heel wat medicijnen die bij voorkeur niet of helemaal niet tijdens de zwangerschap mogen worden gebruikt. Gebruik daarom tijdens zwangerschap of borstvoeding alleen medicijnen op doktersrecept .
Veel medicijnen komen in de moedermelk terecht en bereiken zo via de moedermelk de baby. Gebruik daarom tijdens zwangerschap of borstvoeding alleen medicijnen op doktersrecept .
Vertel behalve aan uw huisarts ook altijd aan een vervangende arts of medisch specialist of u van plan bent zwanger te worden, al zwanger bent of borstvoeding geeft. Hiermee kunt u voorkómen dat u tijdens de zwangerschap of borstvoeding medicijnen krijgt voorgeschreven, die niet mogen worden gebruikt.
Raadpleeg altijd eerst uw arts wanneer u van plan bent tijdens zwangerschap of borstvoeding oude medicijnen , zelfzorgmedicijnen of alternatieve middelen te gebruiken.
Lees de patiëntenbijsluiter voor informatie over het gebruik van dit medicijn tijdens zwangerschap of borstvoeding.
Dit medicijn heeft voor zover bekend geen invloed op het reactie- en concentratievermogen.
Lees ook de patiëntenbijsluiter over een eventuele invloed van dit medicijn op uw reactie- of concentratievermogen.
Dit medicijn remt de weefsel-afstotende activiteit van T-cel-lymfocyten (= immuno-suppressieve werking).
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de werking van dit middel.
Allergische reacties
Centrale effecten, o.a. abnormale dromen, angst, emotionele instabiliteit (= labiliteit) opwinding, toevallen (= convulsies), verwardheid, waanvoorstellingen (= hallucinaties)
Bevingen (= tremoren)
Bloeddrukverhoging (= hypertensie)
Bloedglucose-gehalte, verhoogd (= hyperglykemie)
Gevoelsstoornissen van de tastzintuigen (= paresthesieën)
Gezichtsstoornissen (= visus-stoornissen)
Hartkramp (= angina pectoris)
Hartritme, toename (= tachycardie)
Infecties, verhoogde vatbaarheid voor
Jeuk
Kaliumgehalte van het bloed, verhoogd (= hyperkaliëmie)
Maagdarm-klachten
Nierfunctie-stoornissen
Spijsverteringsklachten (= dyspepsie)
Suikerziekte
Vochtophoping, onder de huid (= perifeer oedeem)
Zuur-base-balans-stoornissen
Er is een kans dat u last krijgt van de bijwerkingen van dit medicijn. Dat is echter niet per se het geval.
De kans op bijwerkingen wordt gewoonlijk groter bij hogere doseringen .
Wanneer tijdens het gebruik van dit medicijn effecten optreden die u niet kent, verwacht of vreemd vindt, kan dat wijzen op: (1) een bijwerking van dit medicijn, (2) een wisselwerking van dit medicijn met een ander medicijn, voedsel of drank, (3) overgevoeligheid voor dit medicijn of (4) een allergische reactie op dit medicijn.
Het is in principe altijd mogelijk dat u overgevoelig of allergisch bent (of wordt) voor een bepaald medicijn. Als u weet dat u overgevoelig of allergisch bent voor een bepaald medicijn, moet u dat medicijn niet gebruiken. Vergeet echter niet uw arts te vertellen voor welk(e) middel(en) u overgevoelig bent. Zo voorkomt u dat u dat medicijn nogmaals voorgeschreven krijgt.
Breng ook een vervangende arts of medisch specialist op de hoogte van overgevoeligheid of allergie voor bepaalde medicijnen.
Als een medicijn al wat langer op de markt is, worden er niet zelden nieuwe bijwerkingen ontdekt. Hierdoor neemt het aantal 'bekende' bijwerkingen van een medicijn soms met de jaren toe. Een al wat ouder medicijn met veel bijwerkingen is daarom niet per se onveiliger dan een nieuw medicijn waarvan nog maar weinig bijwerkingen bekend zijn.
Lees de patiëntenbijsluiter voor meer informatie over de mogelijke bijwerkingen van dit medicijn.
Bloedglucose-verlagende middelen (= anti-diabetica = middelen tegen suikerziekte)
Bloedstolling-remmende medicijnen (= anti-coagulantia = trombose-middelen
Ciclosporine (Neoral®, Sandimmune®)
Medicijnen met bijwerking(en) op de nieren (= nefrotoxisch), zoals o.a. pijnstillers van het NSAID-type (= prostaglandine-synthetase-remmers)
Medicijnen met centrale bijwerkingen (= neurotoxisch), zoals aciclovir (= ZoviraPrograft®) en ganciclovir (= Cymevene®)
Medicijnen die het enzym CYP3A4 remmen, zoals bepaalde schimmelmiddelen (imidazil-antimycotica), bepaalde antibiotica (macroliden), danazol (= Danatrol®) en omeprazol(= Losec®)
Medicijnen met kalium-supplement(en)
Pijnstillers van het NSAID-type (= prostaglandine-synthetase-remmers)
Plasmiddelen (= diuretica), kalium-sparende
Rifampicine (= Rifadin®, Rimactan®)
Vaccinaties, verminderde werking
Vaccins, die de algehele weerstand van het lichaam verminderen
Er is een kans dat u last krijgt van de wisselwerkingen (= interacties) van dit medicijn. Dat is echter niet per se het geval.
Vertel ook een vervangende huisarts of medisch specialist welke medicijnen u gebruikt. Zo kunt u voorkómen dat u medicijnen krijgt voorgeschreven, die niet mogen worden gecombineerd met medicijnen die u al gebruikt.
Lees de patiëntenbijsluiter in de verpakking voor informatie over mogelijke wisselwerkingen van dit medicijn met andere medicijnen, voedsel of dranken.
De capsules bij voorkeur op de lege maag heel innemen of ten minste 1 uur voor of 2-3 uur ná de maaltijd.
De infusievloeistof moet door of onder toezicht van een arts worden toegediend.
Vraag uw arts of apotheker om uitleg als u niet goed begrijpt hoe u dit medicijn moet gebruiken. Doe dat ook als u dat niet precies (meer) weet of wanneer u dat bent vergeten .
Capsules: in de verpakking bij kamertemperatuur.
Infusieconcentraat: zie bewaarvoorschrift in de bijsluiter van de verpakking.
Kleine kinderen denken dat medicijnen eetbaar, drinkbaar of snoepgoed zijn. Bewaar medicijnen daarom altijd buiten bereik van kleine kinderen! .
De meeste medicijnen zijn in de originele verpakking goed houdbaar bij kamertemperatuur (lees ook het bewaarvoorschrift in de bijsluiter).
Bewaar medicijnen niet in een warme en/of vochtige omgeving , zoals een douchecel of badkamer.
De uiterste gebruiksdatum van een medicijn staat vermeld op de verpakking.
Overtollige medicijnen moet u niet bewaren, aan anderen geven of in vuilnisbak of toilet gooien. U kunt ze het beste terugbrengen naar de apotheek.
Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de houdbaarheid en de wijze van bewaren van dit middel.
In de praktijk wordt maar liefst 50% van alle medicijnen niet, onvoldoende of verkeerd gebruikt! Het gebruik van medicijnen heeft echter alleen zin wanneer ze correct worden gebruikt. Dat wil zeggen nauwkeurig volgens het voorschrift van de arts.
Wanneer u geen of te weinig medicijn gebruikt (= onderdosering), loopt u een groot risico dat weefsel- of orgaanafstoting plaatsvindt of dat de ziekte die u heeft verergert. Gebruik daarom zonder overleg nooit minder medicijn dan is voorgeschreven.
Wanneer u te veel medicijn gebruikt (= overdosering), kan dat leiden tot ongewenste bijwerkingen en zelfs tot ziekenhuisopname. Gebruik daarom zonder overleg niet méér medicijn dan is voorgeschreven.
Overleg eerst met uw arts voordat u de dosering verhoogt.
Vraag uw arts of apotheker om uitleg als u niet precies (meer) weet hoe u uw medicijnen moet gebruiken of wanneer u dat bent vergeten.
U moet uw medicijnen nooit zelf combineren met andere medicijnen, die u heeft bewaard of met zelfzorg-medicijnen. Dat kan leiden tot ongewenste wisselwerkingen of zelfs tot ziekenhuisopname.
Vraag altijd eerst advies aan uw arts of apotheker als u naast dit medicijn ook nog zelfzorg-medicijnen wilt gebruiken.
Voor een goed resultaat is het van groot belang dat u vertrouwen in uw medicijnen heeft. In de praktijk is gebleken dat medicijnen bij gebrek aan vertrouwen in de werking of angst voor bijwerkingen vaak slecht worden gebruikt (= medicatie-ontrouw).
Wanneer u denkt dat u het verkeerde medicijn heeft gekregen, bang voor bijwerkingen bent of denkt dat de medicijnen, die u heeft gekregen, niet of niet voldoende helpen , kan dat uw vertrouwen in de medicijnen ernstig ondermijnen. In dat geval kunt u het beste contact opnemen met uw (huis)arts of apotheker om te bespreken of doorgaan met die medicijnen wel zinvol is.
Bespreek eventuele problemen met betrekking tot uw medicijnen altijd met uw arts of apotheker. Deze kunnen dan uw ongerustheid weg nemen of bekijken of u misschien andere medicijnen nodig heeft.
Gebruik dit middel altijd nauwkeurig volgens voorschrift van uw arts.
Wijk niet af van het voorschrift als de werking u tegenvalt, als u last heeft van bijwerkingen of als u geen klachten (meer) heeft. Ook dan moet u de medicijnen tot de volgende controle volgens voorschrift blijven gebruiken. Overleg altijd eerst met uw arts als u van het voorschrift wilt afwijken.
Bespreek uw ervaringen en eventuele problemen met dit medicijn regelmatig met uw arts tijdens de controles. Vertel uw arts ook of u wél of niet tevreden bent met het voorgeschreven medicijn. Die kan dan bekijken of de dosis moet worden aangepast of dat u (nog) andere medicijnen nodig heeft. Ook kan hij dan bekijken of bepaalde bijwerkingen , zoals braken en diarree, kunnen worden verminderd.
Als u problemen met het gebruik heeft of niet (meer) weet hoe u dit middel moet gebruiken, kunt u dat ook met uw apotheker bespreken.
Dit medicijn is alleen op doktersrecept verkrijgbaar en wordt daarom vergoed volgens de daarvoor geldende regels van de overheid en uw zorgverzekeraar .
Vraag uw arts, apotheker of zorgverzekeraar zo nodig om nadere informatie over de vergoeding van uw medicijnen.
Lees de bijsluiter zorgvuldig
U kunt uw arts of apotheker zo nodig om meer informatie over dit middel vragen.
Het infusieconcentraat bevat gepolyoxyethyleerde rhicinus-olie.
Wij beschikken momenteel niet over informatie aangaande de mogelijke verschijnselen na overdosering met dit medicijn. In principe is na overdosering ook de kans op bijwerkingen groter (zie aldaar).
Blijf kalm en neem telefonisch contact op met de (huis)arts of het dichtst bijzijnde ziekenhuis wanneer sprake is van overdosering of wanneer overdosering wordt vermoed.
Hou de bijsluiter of verpakking van het betreffende medicijn bij de hand als u belt of naar een (huis)arts, poli of ziekenhuis gaat.
Lees ook de bijsluiter in de verpakking over mogelijke verschijnselen en wijze van handelen bij overdosering.