Als de bloedvoorziening naar de hersenen plotseling ergens onderbroken wordt, spreken we van een beroerte. Een beroerte wordt ook wel 'stroke' of CVA genoemd. CVA staat voor Cerebro Vasculair Accident: een ongeluk in de bloedvaten van de hersenen. Er worden twee vormen van een beroerte onderscheiden: een herseninfarct en een hersenbloeding.
Een herseninfarct ontstaat doordat een bloedstolsel een bloedvat in het hoofd afsluit. Een deel van de hersencellen krijgt daardoor geen zuurstof en voeding meer en sterft af. Bij 80% van de getroffenen van een beroerte gaat het om een herseninfarct.
Een hersenbloeding ontstaat door een scheurtje in de vaatwand van een bloedvat in de hersenen, of doordat een bloedvat op een zwakke plek openbarst. Er komt bloed tussen de hersencellen, waardoor hersenweefsel beschadigt. Een beroerte is de belangrijkste doodsoorzaak bij vrouwen en komt het op de derde plaats bij de mannen. Jaarlijks worden in Nederland ongeveer 41.000 mensen ( 3 op de 1000) getroffen door een beroerte. Het gaat hierbij vooral om ouderen. Een beroerte is een ernstige aandoening. In de eerste maand na de beroerte overlijdt 25% van de mensen. Het herstel na een beroerte heeft veel tijd nodig. Na 6 maanden is er geen herstel meer te verwachten.
We spreken van een TIA wanneer een gedeelte van de hersenen tijdelijk te weinig bloed krijgt. Daardoor werken bepaalde hersencellen tijdelijk minder goed of helemaal niet. TIA staat voor Transient Ischaemic Attack. Vrij vertaald is dit een ‘voorbijgaande doorbloedingsstoornis’. Sommigen noemen het ‘een voorbijgaande beroerte’
De symptomen van een beroerte kunnen heel verschillend zijn. De verschijnselen zijn afhankelijk van de plaats in de hersenen waar de bloedvoorziening onderbroken is. Het kan bijvoorbeeld gaan om spraakstoornissen, het niet kunnen gebruiken van ledematen en gevoelsstoornissen. Ook kan er bewusteloosheid optreden, er is dan sprake van een spoedgeval.
Een sneltest waarmee de patiënt, zijn familie of omstanders een CVA snel zelf kunnen herkennen is de “FAST-test” (Face-Arm-Speech-Time Test). Afwijkingen bij vraag 1, 2 of 3 maken een CVA waarschijnlijk.
Een beroerte kan twee oorzaken hebben. 80 % Van de CVA’s ontstaat door een afsluiting van een bloedvat in de hersenen (herseninfarct); 20 % door een lek in een bloedvat in de hersenen (hersenbloeding). In beide gevallen stroomt er te weinig bloed naar een deel van de hersenen.
De vaatproblemen ontstaan meestal door een slechte conditie van de bloedvaten. De belangrijkste risicofactor voor het optreden van een beroerte is leeftijd: hoe ouder des te hoger de kans op een beroerte. Factoren die extra risico geven op vernauwing of verstopping van de bloedvaten zijn:
Een beroerte (CVA), is het ernstig en wat kunt u verwachten?
Een beroerte is een ernstige aandoening. 25% van de mensen overlijdt in de eerste maand na de beroerte. De gevolgen van een beroerte kunnen aanzienlijk zijn. Er kunnen lichamelijke beperkingen blijven bestaan, maar ook kunnen er psychische en/of sociale gevolgen zijn.
De lichamelijke beperkingen van een beroerte zijn o.a.:
De kans op een nieuwe beroerte met blijvende gevolgen is het grootst in de eerste weken of maanden na een TIA of een beroerte. Een snelle diagnose en behandeling zijn dan ook noodzakelijk om het risico op nieuwe CVA of TIA te verminderen. Bij de behandeling van een beroerte onderscheidt men grofweg drie fasen: de acute fase, de revalidatiefase en chronische fase. De acute fase beslaat ongeveer 10 dagen. De patiënt komt via de huisarts of rechtstreeks in het ziekenhuis voor diagnostiek, behandeling, goede verpleging en eerste revalidatie. In veel gevallen hebben ziekenhuizen daarvoor een speciale stroke unit ingericht.
De revalidatiefase duurt gemiddeld een half jaar na de beroerte. In deze periode is de meeste verbetering te bereiken. Revalidatie kan plaats vinden in het revalidatiecentrum, het verpleeghuis of thuis.
De chronische fase beslaat de hele periode na de revalidatiefase. In deze fase komen vaak de niet-zichtbare gevolgen van een beroerte meer op de voorgrond. Dit kunnen bijvoorbeeld zijn problemen met denken, veranderingen in karakter en gedrag, moeite met het uitvoeren van (simpele) dagelijkse handelingen, zoals aankleden en eten koken. Deze problemen worden door patiënt en naaste omgeving vaak als het moeilijkst ervaren.
Bij symptomen die u herkent via de “FAST test” moet u direct de huisarts of ambulance waarschuwen. Daarnaast zijn problemen zoals uitval van het gezichtsveld aan 1 kant, acuut dubbel zien of acuut optredende zeer heftige hoofdpijn redenen om uw huisarts te consulteren.
U kunt zelf weinig doen aan een beroerte. Het belangrijkst is dat snel professionele hulp wordt ingeschakeld. Als de patiënt bewusteloos is, is het bewaken van de ademhaling erg belangrijk. Dit kan door de patiënt in de stabiele zijligging te leggen.
Het tegengaan van slagaderverkalking is belangrijk bij het voorkomen van een beroerte. Een gezonde leefstijl draagt daaraan bij. Het gaat daarbij om:
Ab Korsten, huisarts
Wim van Donselaar, arts