Rond de leeftijd van zes maanden krijgen de meeste kinderen hun eerste tandje. Op de leeftijd van drie jaar zijn in de meeste gevallen alle twintig tanden en kiezen van het melkgebit doorgekomen.
Het doorkomen van tanden wordt voorafgegaan door bobbels op het tandvlees van uw kind, die pijnlijk kunnen zijn. Uw kind vindt het vaak prettig om ergens op te kauwen, dit verlicht de pijn.
De ontlasting kan rond het doorkomen van tanden dunner worden. Deze dunne ontlasting is vaak wat zuur waardoor luieruitslag kan ontstaan.
De wangen van uw kind kunnen rood en warm zijn. Ouders geven aan dat kinderen soms ook koorts hebben bij het doorkomen van de tanden.
Na een aantal dagen voelt u een scherp randje wanneer u met uw vinger over het tandvlees van uw kind gaat. Dit is de bovenkant van het tandje. De tand komt steeds verder omhoog en na een aantal weken is meestal de volledige tand zichtbaar.
Bij jonge zuigelingen zijn regelmatig kleine witte of gele puntjes te zien op de kaakjes. Dit zijn tandlijstkysten. Veel ouders verwarren deze puntjes met het doorbreken van de tanden. Tandlijstkysten verdwijnen binnen enkele weken tot maanden vanzelf.
De melktanden zijn bij de geboorte al in de kaak aanwezig, maar zijn dan nog niet zichtbaar. Rond de leeftijd van zes maanden breken de eerste elementen door.
Het eerste tandje komt gemiddeld op de leeftijd van zes maanden. Maar er zijn ook kinderen die geboren worden met een tandje en kinderen die het eerste tandje pas krijgen als ze ouder zijn dan een jaar. Dit is allemaal normaal en dus niets om u zorgen over te maken.
Tanden komen meestal in een bepaalde volgorde door. Andere volgordes van doorbreken zijn mogelijk. Op de leeftijd van drie jaar is het melkgebit in de meeste gevallen compleet. Uw kind heeft dan twaalf tanden en acht kiezen.
| Elementen | Gemiddelde leeftijd van doorbreken |
| Middelste snijtanden onder | 6 maanden |
| Middelste snijtanden boven | 9 maanden |
| Buitenste snijtanden onder en boven | 12 maanden |
| Hoektanden | 20 maanden |
| Voorste kiezen boven en onder | 16 maanden |
| Achterste kiezen boven en onder | 24-30 maanden |
Wanneer u vragen heeft over het gebit van uw kind, kunt u terecht bij de tandarts of bij de arts van het consultatiebureau.
Het doorkomen van tanden is vaak pijnlijk voor uw kind. U kunt deze pijn
helpen verminderen door uw kind een bijtring te geven. Het ergens op kunnen
bijten, vermindert de pijn.
Er zijn ook speciale bijtringen in de handel
die u kunt vullen met water en dan in de koelkast koud kunt laten worden. Dit
geeft een extra pijnstillend effect.
Veel ouders geven aan dat
homeopathische smeersels ook goed helpen tegen de pijn. U kunt zich hierover
laten informeren bij de apotheek of de drogist.
Heeft uw kindje ’s nachts
veel pijn dan kunt u incidenteel een zetpil paracetamol geven.
Vanaf het eerste tandje is het belangrijk dat u maatregelen neemt om het gebit van uw kind te beschermen en te verzorgen:
Poetsen
Wanneer het eerste tandje van uw kind is doorgekomen, kunt u beginnen met de gebitsverzorging. Bij kinderen jonger dan twee jaar houdt dit in dat u eenmaal per dag poetst met een peutertandpasta die fluoride bevat.
Een tandpasta voor grotere kinderen of volwassenen kunt u beter niet gebruiken, omdat deze te veel fluoride bevat. U hoeft uw kind tegenwoordig geen fluoridetabletten meer te geven, aangezien inmiddels bekend is dat te veel fluoride niet goed is voor uw kind.
Goed voedingspatroon
Het is verstandig om het aantal momenten op de dag dat uw kind eet of drinkt te beperken tot zeven. Probeer ervoor te zorgen dat uw kind niet te veel zoetigheid binnenkrijgt en laat het niet onbeperkt uit een flesje drinken. Daarnaast is het raadzaam uw kind met negen maanden uit een beker te laten drinken.
Duimen en fopspeengebruik beperken
Bij kinderen die duimen of vaak een fopspeen gebruiken, kan de stand van de tanden worden beïnvloedt.
Bij duimende kinderen draaien de middelste snijtanden in de onderkaak naar binnen en worden de boventanden naar voren gedrukt waardoor een overbeet kan ontstaan.
Bij kinderen die vaak de fopspeen gebruiken, worden de onder- en boventanden naar voren gedrukt. Wanneer het kind de mond sluit, is een opening zichtbaar tussen de boven- en ondertanden. Dit wordt een 'open beet' genoemd.
We raden u daarom aan het duimen of het zuigen op een speen te beperken voor uw kind. U kunt bijvoorbeeld proberen uw kind dit alleen in bed te laten doen. Start niet te laat met het afleren van duimen en zuigen op een fopspeen. Doe dit in elk geval vóórdat het blijvende gebit doorkomt.
Andrea Liedtke (auteur)
Drs. W. van Donselaar (consulent)
Drs. R.
Burger (psycholoog)
Geraadpleegde literatuur: