Weinig sperma

Wat is weinig sperma?

Sperma bestaat uit:

  • zaadcellen (spermatozoa)
  • vocht

De zaadcellen worden in de zaadballen (testikels) gemaakt. Daarna gaan de zaadcellen naar de bijbal (epidydimis). Dan worden ze in het laatste gedeelte van de zaadleider opgeslagen, onder de blaas.

Bij een zaadlozing (ejaculatie) worden de zaadcellen door de urinebuis (urethra) naar buiten gestuwd. Onderweg wordt vocht aan de zaadcellen toegevoegd door de zaadvloeistofblaasjes en de prostaat.

Tussen de aanmaak van zaadcellen en het tijdstip dat deze bij zaadlozing naar buiten komen, zit ongeveer twee weken.

De hoeveelheid sperma kan per zaadlozing sterk verschillen. Het varieert van twee milliliter tot vijf milliliter.
Wereldwijd spreken artsen van te weinig sperma als het minder is dan twee milliliter, opgevangen na drie dagen geen ejaculatie te hebben gehad.



Symptomen weinig sperma

Als u de indruk heeft dat de hoeveelheid sperma weinig is, kunt u dit meten. Nadat u drie dagen geen seks heeft gehad of heeft gemasturbeerd, vangt u sperma op. Dit kunt u doen in een condoom of een potje. Meestal ziet u direct of er voldoende sperma is: meer dan twee milliliter. Als u twijfelt, kunt u het volume meten. Dit kan na ongeveer 30 minuten, door het op te zuigen in een twee milliliterspuitje. Dit is verkrijgbaar bij de apotheek.



Hoe ontstaat weinig sperma?

Sperma bestaat:

  • voor 5% uit zaadcellen (afkomstig uit de zaadballen)
  • voor 95% uit vocht (afkomstig uit de prostaat en de zaadvloeistofblaasjes)

Het volume van het sperma wordt dus vooral bepaald door het spermavocht. Spermavocht wordt doorlopend aangemaakt.

Oorzaken waardoor de productie van spermavocht minder kan zijn:

  • als u veel zaadlozingen heeft. Het lichaam heeft dan onvoldoende tijd om nieuw spermavocht aan te maken
  • als u tijdens het vrijen snel tot een zaadlozing komt. Het lichaam produceert namelijk vlak vóór het klaarkomen nog enig spermavocht. Hoe langer deze periode duurt, hoe groter het spermavolume wordt
  • door het gebruik van medicijnen. Bepaalde medicijnen hebben als bijwerking een verminderde spermaproductie. Lees hiervoor de bijsluiter van uw medicijnen
  • door ziekten, bijvoorbeeld diabetes mellitus (suikerziekte) of na een prostaatoperatie. Hierdoor kan het voorkomen dat er weinig of helemaal geen sperma komt. Dit heet dan een droge ejaculatie (zaadlozing)



Is het ernstig en wat kunt u verwachten?

De hoeveelheid sperma heeft bijna nooit verband met de vruchtbaarheid. Weinig sperma kan namelijk evenveel zaadcellen bevatten als veel sperma. In de regel gaat het om een voorbijgaand probleem. Als het om een bijwerking van een medicijn gaat, zal het spermavolume weer groter worden na het stoppen ermee. In geval van diabetes mellitus of na een prostaatoperatie, kan het echter wel blijvend zijn.



Wanneer naar de huisarts?

In de volgende situaties is het raadzaam om naar uw huisarts te gaan:

  • als u steeds te weinig of geen sperma heeft bij de zaadlozing
  • als het mogelijk een bijwerking is van een medicijn
  • als u diabetes mellitus heeft
  • als u geopereerd bent aan uw prostaat
  • als u twijfelt over de vruchtbaarheid van uw sperma

De huisarts stelt u een aantal vragen en doet lichamelijk onderzoek. Hiermee probeert hij erachter te komen wat de oorzaak is. Ook kan de huisarts het sperma (laten) onderzoeken op vruchtbaarheid. Als hij dat nodig vindt, kan de huisarts u verwijzen naar een uroloog.



Wat kunt u er zelf aan doen?

De hoeveelheid sperma kan per keer sterk verschillen. Dit is normaal. Daar hoeft u zich geen zorgen over te maken. Tijdens de seks of tijdens het masturberen kunt u proberen, het klaarkomen uit te stellen. Hierdoor kan het spermavolume toenemen.



Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen

  • Niet roken
    Mannen die roken produceren minder sperma, dan niet-rokers. Ook is de kwaliteit van dit sperma minder goed.
  • Minder vaak seks of minder vaak masturberen
    Door ongeveer vijf dagen geen seks te hebben en niet te masturberen, neemt de spermahoeveelheid toe



In samenwerking met

Drs. W. van Donselaar (auteur)
Dr. M. T. W. T. Lock (consulent)



Wetenschappelijke verantwoording

  • Gillenwater JY et al. Adult and pediatric urology. Williams & Wilkins
  • WHO Manual of fertility, 3rd edition


  • Gerelateerde informatie


    Betrouwbare info ontvangen over dit onderwerp en je gezondheid?   Meld je dan nu gratis aan voor onze nieuwsbrief!