Te dik zijn is een ruim begrip. Er is een belangrijk verschil tussen te dik zijn en je te dik voelen. Mensen die te dik zijn hebben een overgewicht. Meestal komt dit doordat iemand meer energie met de voeding binnenkrijgt, dan dat hij aan energie verbruikt. Wat je teveel aan energie inneemt, wordt opgeslagen in de vorm van vet. Door inspanning, vertering of groei verbruik je energie en dus vet.
Sommige mensen wegen maar een paar kilo te veel (tot vijf kilogram). In dat geval is het niet ongezond om op hetzelfde gewicht te blijven. Waarschijnlijk is dat zelfs beter dan om krampachtig proberen af te vallen.
Het kan ook zijn dat je je te dik voelt, terwijl je niet te dik bent. Slank-zijn beschouwen veel mensen in onze maatschappij als mooi. Veel jongeren die niet aan dit slankheidsideaal voldoen, voelen zich al gauw (en vaak onterecht) te dik. Als je je te dik voelt en minder gaat eten dan je lichaam nodig heeft, kan er een eetprobleem ontstaan.
Door je gewicht door het kwadraat van je lengte te delen, krijg je de Quetelet Index (QI). De waarde van dit getal geeft aan hoe het met jouw gewicht gesteld is. Hierover kun hieronder je meer lezen.
Volgens de ‘set point theorie van gewicht’ heeft iedereen een ideaal, natuurlijk gewicht. Volgens deze theorie ga je meer eten als je gewicht te laag wordt, en ga je minder eten wanneer je gewicht te hoog wordt. Dit van binnenuit gestuurde systeem zorgt voor een natuurlijk gewicht. Voor sommige mensen ligt dit punt hoger dan wenselijk, waardoor overgewicht kan ontstaan.
Tot je twintigste is je lichaam in de groei en het verandert steeds. Als je twintig jaar of ouder bent, dan kun je je lichaamsgewicht in verhouding tot je lengte berekenen met behulp van de Quetelet Index (QI) of Body Mass Index (BMI).
Je berekent je Quetelet Index door je gewicht (in kilo’s) te delen door het kwadraat van je lengte (in meters). De QI wordt als volgt geïnterpreteerd:
Er is sprake van overgewicht als de Quetelet Index 25 of hoger aangeeft. Je eet meer dan je lichaam verbruikt en dit overschot wordt omgezet in vet. Sommige mensen eten steeds te veel, of eten voornamelijk calorierijk voedsel (bijvoorbeeld chips, chocolade of patat).
Overgewicht (QI = 25 - 30) of obesitas (QI > 30) kan verschillende oorzaken hebben.
Aanleg en gezinsachtergrond
Als je wilt weten of je een gewicht hebt dat bij je past, dan kun je dit vergelijken met de bouw die de rest van je familie heeft. Als er meerdere mensen in je familie te kampen hebben met overgewicht, dan loop je zelf ook een groter risico. Er is dan sprake van een aangeboren aanleg.
Als je van jongs af aan geleerd is om veel te eten en weinig te bewegen, dan is de kans om later dik te worden ook groter. Dit is vooral zo als er ook nog sprake is van aanleg om dik te worden.
Diëten
Het klinkt tegenstrijdig, maar je hebt meer kans om dik te worden als je vaak diëten volgt. Als je streng aan de lijn bent en je lichaam plotseling minder energie krijgt dan voorheen, dan gaat je spijsvertering langzamer werken. Als reactie gaat het zuiniger om met het voedsel dat wel gegeten wordt.
Wanneer je na het lijnen weer normaal of veel gaat eten, dan is de kans groot dat je weer snel aankomt. Je spijsvertering werkt dan nog steeds langzaam. Als je vaak begint en stopt met lijnen ontstaat het zogenaamde jojo-effect. Het is dan ook beter om in een rustig tempo af te vallen, zodat je lichaam zich kan aanpassen aan de veranderingen.
Eetbuien
De behoefte om te eten ontstaat niet alleen als je honger hebt, maar vaak ook als je geconfronteerd wordt met onplezierige gevoelens zoals boosheid, verdriet of angst. Het is soms moeilijk om met deze gevoelens om te gaan. Als reactie worden deze nare gevoelens soms 'weggegeten'. Je pakt bijvoorbeeld een zak chips als je liefdesverdriet hebt. Wanneer dit een gewoonte wordt, kunnen vreetbuien ontstaan.
Vaak is er een voorkeur voor een grote hoeveelheid van een bepaald soort voedsel (vet of zoet). Door deze vreetbuien kun je zwaarder worden, waardoor je weer negatiever over je eigen lichaam gaat denken. Zo kun je in een cirkel terecht komen van negatieve gevoelens en eetbuien. Als je na een eetbui braakt of laxeermiddelen gebruikt, dan kan er sprake zijn van de eetziekte boulimia nervosa.
Lichamelijke oorzaken
Naast het eetgedrag kan overgewicht ook veroorzaakt worden door lichamelijke oorzaken. Er kan sprake zijn van een stoornis in de stofwisseling.
Als je een normaal gewicht hebt (QI = 18 - 24) of als je minder dan vijf kilo te zwaar bent, dan is het goed om dit zo te houden. Lijnen kan uiteindelijk een eetprobleem of overgewicht tot gevolg hebben.
Het is in dit geval belangrijker om tevreden te (leren) zijn met je lichaam. Als je een overgewicht hebt (QI = 25 - 30), dan is afvallen aan te raden om de kans op bepaalde aandoeningen te verkleinen.
Als je te dik bent dan kun je je letterlijk 'niet goed in je vel' voelen. Je bent bijvoorbeeld snel moe bij bewegen of je knieën doen pijn. Door minder te eten en meer te bewegen, verminder je de kans op aandoeningen zoals hart- en vaatziekten of diabetes.
Als je Quetelet Index hoger is dan 30, is er sprake van obesitas, ofwel ziekelijk overgewicht. Als je gedurende langere tijd last hebt van een ernstig overgewicht, dan heeft dit gevolgen voor je gezondheid. Er is een verhoogde kans op hart- en vaatziekten, diabetes, beenfracturen, bepaalde vormen van kanker, galstenen en ademhalingsproblemen.
Het verminderen van het gewicht (vooral rond de buik) met tien procent, doet de kans op het optreden van ziekten dalen.
Als je overgewicht hebt en je het door minder en verstandiger eten en meer bewegen niet lukt om af te vallen, dan moet je je realiseren dat je er niet alleen voor staat.
Als je ernstige problemen met eten hebt (zoals eetbuien of braken) is het verstandig om advies te vragen bij de huisarts.
Ook als je Quetelet Index hoger is dan 30, is het van groot belang om naar de huisarts te gaan. Bij een diëtist of een kliniek voor eetstoornissen kun je onder begeleiding proberen af te vallen met een methode die bij jou past.
Je kunt zelf een aantal maatregelen nemen om je gewicht en eetpatroon bij te houden.
Met behulp van de Quetelet Index kun je vaststellen of je te dik bent. Bij overgewicht of een obsessie met eten of afvallen, is het raadzaam om je probleem bij de kern aan te pakken. Jongeren tot twintig jaar zijn in de groei; je lichaam wordt langer, dikker of juist dunner.
Het is belangrijk dat je je lichamelijk en geestelijk goed in je vel voelt. Wanneer dat bij jou niet het geval is, is het goed om daar actief wat aan te doen.
In deze aflevering van de televisiedokter kunt u alle informatie over overgewicht nogmaals bekijken.
Drs. F. Sio (auteur)
Mevr. Drs. A.M.D. Hansen (consulent)
Dr.
W.N.M. Hustinx (consulent)