Ongeveer dertig procent van alle zuigelingen spuugt regelmatig. Na het drinken geeft het kind een aantal mondjes voeding terug. Dit wordt “reflux” genoemd en is meestal een normaal en onschuldig verschijnsel.
De meest voorkomende vorm van spugen is regurgitatie. Na het drinken geeft het kind een aantal mondjes voeding terug. Een klein deel van die voeding wordt weer doorgeslikt, een ander deel stroomt zachtjes terug uit het mondje, maar het kind heeft er geen last van. De frequentie van het spugen is per kind verschillend en kan variëren van één keer per dag tot een aantal keren per voeding.
Sommige kinderen spugen ook tussen de voedingen door. Deze uitgespuugde voeding is gedeeltelijk verteerd en dus dikker- en zuurder geworden. Deze terugstroom door de slokdarm, is door het zure karakter soms pijnlijk en wordt door het kind als onaangenaam ervaren. Het kind kan onrustig worden en gaan huilen.
Een veel minder vaak voorkomende vorm van spugen is het projectielbraken. Kinderen die last hebben van projectielbraken zijn hongerig, maar het lukt ze niet de fles helemaal leeg te drinken. Kort na de voeding wordt het kind onrustig en spuugt dan ineens met grote kracht veel voeding weer uit. De kracht is zó groot dat de voeding ver gespuugd kan worden.
De meest voorkomende vorm van spugen, regurgitatie, wordt veroorzaakt doordat de afsluiting van de maag naar de slokdarm nog niet goed functioneert. Hierdoor kan voeding bij houdingsveranderingen (vooral bij liggende houding) of bij drukveranderingen in de buik (zoals boeren, te volle maag of het kind snel rechtop zetten) gemakkelijk terugstromen in de slokdarm.
Bij kinderen die niet alleen na, maar ook tussen de voedingen door spugen, is de afsluiting nog wat zwakker. In de meeste gevallen is dit tijdelijk en onschuldig. Soms is er een andere oorzaak; zoals voedselovergevoeligheid, buikgriep of een andere infectie. Het kind vertoont dan naast het spugen ook nog andere symptomen, bijvoorbeeld diarree.
Projectielbraken (waarbij het voedsel met grote kracht uit de mond spuit) kan veroorzaakt worden doordat de overgang van de maag naar de twaalfvingerige darm vernauwd is. De kringspier die deze overgang normaliter afsluit, is verdikt. Dit wordt pylorushypertrofie of pylorusstenose genoemd. Bij te grote prikkeling van die overgang gaat deze plots verkrampen en duwt met grote kracht de voeding vanuit de maag weer naar buiten. Dit kan al gebeuren bij een niet volle maag. Hoe deze verdikking wordt veroorzaakt is niet bekend. Bij jongens komt het vaker voor dan bij meisjes. Kinderen, waarvan één van de ouders een pylorushypertrofie heeft gehad, hebben eveneens meer kans op de afwijking.
In veruit de meeste gevallen is spugen niet ernstig. Het kind komt zelden voeding tekort door het spugen. Het kan heel verhelderend zijn wanneer u eens uittest hoeveel uw kindje nu eigenlijk uitspuugt. Maak daarvoor een flesje voeding klaar zoals u dat gewend bent en laat de voeding langzaam uit de fles op een slabbetje stromen. Stop wanneer u ongeveer de hoeveelheid heeft uitgegoten, die uw kindje uitspuugt. U zult verbaasd staan hoeveel voeding er nog in de fles zit!
Over de meest voorkomende vorm van spugen, regurgitatie, groeien kinderen heen. Op de leeftijd van 1,5 jaar heeft geen enkel kind er meer last van. In bepaalde gevallen kan de huisarts medicijnen voorschrijven die het spugen (of de klachten ervan) kunnen verminderen.
Kinderen met een pylorusstenose worden geopereerd. De klachten zullen na de operatie geheel verdwenen zijn en keren niet meer terug.
Het is verstandig naar de huisarts te gaan indien uw baby:
Met uw andere vragen over spugen of voeding kunt u terecht op het consultatiebureau.
Spugen is meestal normaal en onschuldig. U hóeft er zelf dan ook niets aan te doen. Wanneer u het vervelend vindt dat uw kind veel spuugt of wanneer uw kind ook tussen de voedingen door regelmatig spuugt, kunt u een aantal dingen doen om het spugen te beperken.
Voedingsschema aanpassen
Geef uw kindje vaker de borst of de fles en laat het per keer minder drinken. Het maagje kan kleinere hoeveelheden voeding beter binnenhouden. Zorg er wel voor dat uw kindje per dag dezelfde hoeveelheid krijgt aangeboden als nu het geval is.
Voeding indikken
Wanneer u de voeding van uw kindje dikker maakt, blijft het beter in het maagje zitten. U kunt flesvoeding indikken door er Johannesbroodpitmeel aan toe te voegen. Dit kunt u kopen bij de drogist of de apotheek. Er zijn ook speciale voedingen verkrijgbaar voor spugende zuigelingen. Deze voedingen zijn van zichzelf al wat dikker waardoor u er niets meer aan toe hoeft te voegen. Johannesbroodpitmeel geeft bij een aantal kinderen bijwerkingen, met name dunnere ontlasting of diarree. Bij de speciale voedingen voor spugende zuigelingen, komt deze bijwerking minder voor. Op het consultatiebureau kunnen ze u adviseren welke voeding voor uw kindje het meest geschikt is.
Goede houding
Probeer uw kindje na de voeding een tijdje rechtop te houden. Dat kan door uw kind een tijdje op de arm rond te dragen of door het op uw schoot te laten zitten met het rugje tegen uw buik.Op deze manier helpt de zwaartekracht mee om de voeding in de maag te laten zitten.Er wordt wel eens geadviseerd om kinderen die veel spugen, op hun buik te laten slapen met het hoofdeinde van het bed omhoog. Deze houding verhoogt echter het risico van wiegendood. Dokterdokter.nl raadt u dan ook aan dit advies niet op te volgen!
Een andere speen proberen
Bij flesvoeding kan het zijn dat de speenopening te groot of te klein is. Bij een te grote speenopening vult de maag zich vaak te snel, met spugen als gevolg. U merkt dat de speen een te grote opening heeft als het kind de fles erg snel leeg heeft en nog niet verzadigd lijkt. Bij een te kleine speenopening moet het kind te hard zuigen om voeding binnen te krijgen met veel “luchthappen” als gevolg. Deze lucht zet de maag uit met ook spugen als gevolg. Het kind doet in dit geval erg lang over de fles en raakt ook eerder vermoeid.
Een goede manier van voeden kan spugen helpen voorkomen. Wanneer uw kindje tijdens de voeding veel lucht binnenkrijgt, is de kans dat het gaat spugen groter. Als u borstvoeding geeft, leg dan uw kind goed aan. Hierover kunt u meer lezen in de dokterdokter.nl module ‘borstvoeding’. Geeft u uw kind de fles, kies dan een speen met een gat dat bij de leeftijd en de voeding van uw kind past. U kunt zich hierover laten adviseren in een babyspeciaalzaak of in een drogisterij.
Pas de hoeveelheid voeding aan, aan de leeftijd van uw kind. Teveel voeding leidt meestal tot spugen. Vooral bij kinderen die flesvoeding krijgen, is het belangrijk dat u zich aan de aanwijzingen op het blik of aan de adviezen van het consultatiebureau houdt.
Drs. A.A.H.H. Liedtke - van Eijck (auteur)
Drs. H.W.J. Verblackt (consulent)
Drs. W.J. den Ouden (consulent)