Een hoeveelheid lucht of gas kan (on)gewild vanuit de maag door de keel ontsnappen, gepaard gaand met een hoorbaar geluid. We noemen dit een ‘boer’. In medische terminologie wordt een boer aangeduid als ‘ructus’. In Angelsaksische literatuur vindt men ructus onder de benaming 'belching' of 'eructation'.
Herhaaldelijk boeren kan sociaal hinderlijk zijn. Het ontsnappen van het gas via de mond of keel wordt echter juist vaak als opluchting ervaren. Mensen die geregeld moeten opboeren, ervaren vaak een opgeblazen gevoel in het bovenste deel van de buik. Vaak hebben mensen die opboeren daarnaast klachten als:
In de darm wordt tijdens de spijsvertering gas gevormd. De belangrijkste darmgassen zijn stikstofgas (N2), koolzuurgas (CO2), methaangas (CH4). Deze gassen zijn reukloos en worden deels in de darm opgenomen en komen dan via de bloedbaan in de longen vanwaar zij worden uitgeademd.
Dit verklaart onder andere de knoflooklucht die mensen met de adem verspreiden na het eten van knoflook. De samenstelling en de hoeveelheid van de in de darm geproduceerde gassen hangen voor een groot deel af van de samenstelling van de voeding, met name van het gebruik van plantaardig voedsel.
Per dag wordt in de darm ongeveer 600 ml gas gevormd, waarvan een groot deel het lichaam via de anus verlaat met de ontlasting of door 'winden'. Een klein deel ontsnapt naar de maag en komt daar als 'boer' naar buiten.
De oorzaak van overmatig boeren kan zijn:
Aërofagie
Ophoping van gas in de maagstreek wordt in de meeste gevallen veroorzaakt doordat de persoon, meestal onbewust, zelf lucht inslikt. Deze gewoonte is bekend onder de naam ‘aërofagie’. Aërofagie kan een uiting zijn van nervositeit, maar kan ook het gevolg zijn van een verkeerde sliktechniek bij het eten.
Passagebelemmering
Overmatig boeren kan ook het gevolg zijn van een belemmerde voedselpassage vanuit de slokdarm of de maag naar de darm toe. Dit kan worden veroorzaakt door:
Dit laatste treedt soms op als gevolg van afwijkingen aan zenuwcellen van de maag, zoals bij diabetes.
In alle gevallen van voedsel dat in de maag stagneert, ontstaat gisting of rotting van het aanwezige voedsel. De geproduceerde gassen hebben daarom een onaangename geur.
Is er sprake van een gestoorde passage van voedsel vanuit de slokdarm of maag, dan bestaan er ook klachten van misselijkheid en braken van onverteerd voedsel.
In de meeste gevalen ligt aan herhaald opboeren geen ernstige oorzaak ten grondslag. Vaak is er sprake van een verkeerde slikgewoonte (aërofagie). Soms is deze slikgewoonte een uiting van nervositeit.
Bij sommige mensen staan klachten als buikpijn of braken op de voorgrond en is het boeren een bijkomstig verschijnsel. In dat geval moeten afwijkingen in de passage van het voedsel, stoornissen in de spijsvertering, aandoeningen in de buik (ontsteking, galstenen, alvleesklier) of ontsporingen van de stofwisseling (diabetes, nierlijden) worden onderzocht.
Boeren is meestal een onschuldig verschijnsel. Wel kan het hinder geven in uw sociaal leven. U moet een arts raadplegen wanneer:
Er zijn gunstige effecten gemeld waarbij het gelukte van aërofagie af te komen door toepassen van Yoga-oefeningen.
Wanneer het hinderlijk luchtslikken erg hardnekkig blijft en het niet gelukt om op eigen kracht deze verkeerde gewoonte af te leren, dan valt een ondersteunende behandeling door een ademhalingstherapeut of een logopedist te overwegen.
Soms helpt het de voedselopname te verdelen over frequent genomen kleine licht verteerbare maaltijden, een niet te strakke buikriem te gebruiken en rechtop zittend te eten. Wanneer uw buik geregeld opgeblazen aanvoelt of wanneer er ongewild gewichtsverlies optreedt, moet u een arts raadplegen om de spijsvertering te laten onderzoeken.
Prof. Dr. C.A.M. Haanen (auteur)
Drs. W.A. Keijser (consulent)
Dr. P. Fockens (consulent)