Misselijkheid is een onplezierig gevoel in de buik dat vaak gepaard gaat met (een neiging tot) braken. Andere benamingen voor braken zijn spugen, overgeven en vomeren. Normaal wordt alles wat wij eten en drinken door de spieren van de slokdarm en de maag in de richting van de darmen vervoerd.
Bij spugen wordt het voedsel in omgekeerde richting verplaatst. Dit gebeurt door krachtige samentrekkingen van de buikspieren. Wat in de maag zit, komt dan in golven naar buiten.
Vlak voordat een kind gaat braken, heeft het vaak last van een misselijk gevoel, hoesten, kokhalzen en veel speekselafscheiding. Soms ziet het kind opvallend bleek.
Spugen is onaangenaam, maar in veel gevallen is het voor het lichaam van belang om de irriterende stoffen kwijt te raken. Het overgeven wordt vaak als een opluchting ervaren. De kleur op het gezicht van het kind komt terug en de maag en darmen komen daarna weer geleidelijk tot rust.
Als het overgeven wordt veroorzaakt door een maagdarminfectie, gaat het vaak samen met diarree; soms is er dan ook koorts.
Wanneer het braken aanhoudt (bijvoorbeeld langer dan 1 dag, meerdere keren per dag), en zeker als het gepaard gaat met diarree en koorts, verliest het lichaam veel vocht.
Vooral bij baby’s dient men alert te zijn op uitdroging. Bij zuigelingen is het niet ongewoon dat ze mondjes voedsel teruggeven of voortdurend wat braken. Lees ook de informatiefolder 'Spugen bij zuigelingen'.
Spugen is vaak het gevolg van een infectie van maag en darmen. Zo’n infectie wordt meestal door een virus en soms door een bacterie veroorzaakt. Mensen kunnen elkaar besmetten. Ook besmet water of bedorven voedsel kan deze klachten geven.
Andere oorzaken voor spugen, zijn:
Al deze oorzaken prikkelen het braakcentrum in de hersenen, van waaruit de darm reflexmatig wordt geactiveerd om het voedsel via de mond naar buiten te werken.
Bij gezonde kinderen ouder dan twee jaar kan spugen in het algemeen geen kwaad. Uitdroging zal bij alleen spugen niet gauw optreden.
Als er ook sprake is van diarree, koorts en weinig drinken, wordt de kans op uitdroging groter. Dit risico doet zich vooral voor bij kinderen onder de twee jaar en bij ouderen.
In de volgende gevallen raden wij u aan een afspraak te maken met uw huisarts:
Bij een paar keer overgeven kunt u rustig afwachten tot de maag weer tot rust is gekomen.
Als het overgeven dagen duurt en meermaals voorkomt, is het belangrijk dat het kind vocht binnenkrijgt. Elke vijf tot tien minuten een slokje water/thee drinken is van belang om slapte en uitdroging te voorkomen. Overigens is het niet zo belangrijk wàt het kind drinkt.
Bij een slap gevoel zal het zich vaak beter voelen bij bouillon of een zout/suikeroplossing. Deze oplossing is kant en klaar in zakjes te koop bij drogist of apotheek. Ze heet ORS (oral dehydration solution) en is onder verschillende namen verkrijgbaar.
Als het weer wat beter gaat, kan de hoeveelheid vocht geleidelijk worden opgevoerd en kan er weer eten worden gegeven.
Medicijnen zijn bij een paar dagen spugen niet nodig. Ze zijn zelfs ongewenst omdat ze verhinderen dat de irriterende stoffen uit het lichaam verdwijnen en ze bijwerkingen kunnen hebben.
Drs. P.A. van Dijk (auteur)
Drs. W.J. den Ouden (consulent)