Een depressie is een stoornis van de stemming 'naar beneden'. Bij een depressie bent u:
Een depressie na een bevalling wordt een postpartum depressie genoemd. Deze stoornis begint binnen vier weken na de bevalling. Voorheen werd deze stoornis aangeduid als een postnatale depressie.
Naar schatting krijgt zo’n tien procent van alle bevallen vrouwen last van meer of minder ernstige depressieve klachten. In Nederland gaat het om zo’n 20.000 vrouwen per jaar.
Ook bij mannen kunnen er depressieve klachten ontstaan na de bevalling van de partner. Deze ontstaan bijvoorbeeld als gevolg van slaaptekort, grote drukte en veranderingen in de relatie met de partner.
Een postpartum depressie ontstaat kort na de bevalling en heeft verder dezelfde kenmerken als andere depressies. Meer hierover kunt u lezen in de informatiefolder van dokterdokter.nl 'Depressieve stoornis'.
Naast een sombere, droeve stemming kunnen er ook veel andere verschijnselen voorkomen:
Naast deze algemene verschijnselen kunnen er bij een depressie na een bevalling enkele specifieke verschijnselen zijn.
Sommige vrouwen hebben bijvoorbeeld terugkerende obsessieve gedachten om hun kind iets aan te doen (overigens zonder dat ook echt te willen doen).
Een postpartum depressie kan veroorzaakt worden door zowel biologische, psychologische en/of sociale factoren.
Biologische factoren
Bij een postpartum depressie kunnen de volgende biologische veranderingen een rol spelen:
De productie van het hormoon progesteron neemt bijvoorbeeld af na de bevalling, hormonale schommelingen kunnen vervolgens aanleiding geven tot een depressie. Ook een slaaptekort kan een negatieve invloed hebben op de stemming.
Psychologische factoren
Een pasgeboren baby brengt grote veranderingen in uw leven met zich mee. Uw dagelijks leven kan behoorlijk ontregelend raken. De stress die hiermee gepaard gaat, kan samen met de eerder genoemde hormonale veranderingen, leiden tot stemmingswisselingen.
Verder is het zo, dat de zwangerschap en de komst van een eigen baby, onverwerkte ervaringen uit het verleden op kunnen roepen. Als een vrouw zelf moeder wordt, wordt haar eigen relatie met haar moeder weer actueel.
Sociale factoren
Op het sociale vlak spelen zaken als het ‘moeten’ voldoen aan het beeld van de ‘ideale moeder’.
Ook andere maatschappelijke verwachtingen waar een vrouw voor haar gevoel aan moet voldoen, kunnen een rol spelen.
Sommige vrouwen hebben bijvoorbeeld het gevoel dat van hen wordt verwacht, dat zij volmaakt gelukkig zijn met hun pasgeboren kindje. Als deze jonge moeders zich echter niet gelukkig voelen, kunnen zij zich hier schuldig over gaan voelen. Dit schuldgevoel kan weer aanleiding geven tot een depressieve reactie.
Hoewel meestal vooral wordt gesproken van een postpartum depressie, kunnen ook andere stemmingsstoornissen beginnen na de geboorte van een kind.
Zo kan een jonge moeder ook in een manische periode terechtkomen. Een manische periode is herkenbaar aan een extreem vrolijke, opgewonden of prikkelbare stemming.
Baby blues
Veel vrouwen voelen zich na de bevalling één of meer dagen niet goed. Ze zijn huilerig of voelen zich somber of angstig.
Ook maken veel vrouwen zich zorgen over of ze het allemaal wel aankunnen, en over de gezondheid van hun baby. Het krijgen van een kind is een grote verandering in het leven, die om veel aanpassing vraagt.
Bovendien vinden er voor, tijdens en na de bevalling allerlei ingrijpende hormonale veranderingen in het lichaam plaats. Veranderingen die het evenwicht nog eens extra verstoren.
Deze dagen worden soms wel de 'baby blues' genoemd.
Hoewel dit niet leuk is, is het nog heel iets anders dan een 'echte' depressie. Daarvan spreken we pas, als er langere tijd achter elkaar gevoelens van depressiviteit zijn die niet vanzelf overgaan.
Depressie
Vrouwen die ooit eerder in hun leven een depressie hebben doorgemaakt, hebben een verhoogd risico op een depressieve reactie na de geboorte.
Er zijn aanwijzingen dat vrouwen die na een eerdere bevalling depressieve klachten hebben gehad, een verhoogd risico lopen dit na een volgende bevalling opnieuw te krijgen.
Hoewel dit bij lang niet alle vrouwen gebeurt, zijn velen na de eerste depressie wel erg bang voor herhaling. Voor sommige vrouwen is dit zelfs een reden om niet voor een nieuwe zwangerschap te kiezen.
Het is verstandig om deze angst niet te negeren, maar om zoveel mogelijk voorzorgsmaatregelen te treffen bij een nieuwe zwangerschap en bevalling.
Uit onderzoek blijkt verder dat personen, die tijdens de zwangerschap hebben blootgestaan aan belastende factoren (scheiding, werkproblemen, rouw, veel stress), gemiddeld een hogere kans hebben op de ontwikkeling van een postpartum depressie.
Als u het idee heeft dat uw somberheid de normale 'dipjes' overstijgt en als u er zelf met uw omgeving niet uitkomt, kan het verstandig zijn om naar de huisarts te gaan.
Deze kan samen met u nagaan of inderdaad sprake is van een depressie. Ook kan hij u adviseren wat u in uw situatie het beste kunt doen.
U kunt met uw huisarts overleggen of het gebruik van medicatie (antidepressiva) u misschien zou kunnen helpen. De huisarts kan u eventueel ook naar een psycholoog of maatschappelijk werker verwijzen voor een verdere behandeling.
Besef dat u geen schuld heeft aan de depressie
Veel vrouwen voelen zich behalve depressief, ook erg schuldig over het feit dat zij niet volop kunnen genieten van hun kraamtijd en de eerste periode met het kindje.
Het is heel belangrijk om u te beseffen dat u geen schuld heeft aan de depressie. Het betekent ook niet dat u een slechte moeder bent. U hoeft zich daarom niet terug te trekken of juist 'flink' te blijven, wanneer u zich erg somber voelt.
Het is goed om hier met veel mensen over te praten, in ieder geval met uw partner. Het delen van uw gevoelens en uw zorgen met anderen kan helpen.
Het is raadzaam om regelmatig even tijd voor uzelf of samen met u partner te nemen.
Zorg goed voor uzelf
Het is goed om uw partner of anderen toe te staan om u te helpen en een deel van de zorg over te nemen. U hoeft niet alles zelf te doen om een goede moeder te zijn. Goed voor uzelf zorgen, af en toe 'bijtanken' met wat extra slaap, helpen om uw weerbaarheid te vergroten. En als u goed voor uzelf zorgt, dan heeft u ook meer aan uw kindje te geven.
Lotgenotencontact
Contact met lotgenoten, vrouwen die hetzelfde hebben meegemaakt, kan erg steunend zijn.
Informatiefolder 'Depressieve stoornis'
Voor meer adviezen bij depressieve klachten kunt u de informatiefolder van dokterdokter.nl ‘Depressieve stoornis’ lezen.
Tijdens de zwangerschap is niet te voorspellen welke vrouwen last krijgen van een postpartum depressie.
Wel kunt u voorzorgsmaatregelen nemen, die de kans op het krijgen van een depressie kleiner maken.
Zorg voor gezonde voeding en ontspanning
Het is belangrijk om goede, gezonde voeding te nemen met voldoende vitamines en mineralen.
Ook is het belangrijk om de tijd en rust te nemen om te wennen aan alle veranderingen die op u afkomen. Dat hebben de meeste vrouwen nodig, om de bevalling zelf te verwerken.
Neem tijdens de zwangerschap regelmatig tijd voor uzelf en bereidt u rustig voor op de bevalling. Een verhuizing of grote verbouwing tijdens de zwangerschap of kort na de bevalling, kunt u beter vermijden.
Wees realistisch
Het is nuttig om een realistische kijk op uzelf te houden en geen onmogelijke eisen aan uzelf te stellen.
Iedere moeder heeft het wel eens moeilijk, of heeft van tijd tot tijd gemengde gevoelens over de zwangerschap en het kind. Dit betekent niet dat u het niet kunt, of dat u geen goede moeder bent.
U kunt uzelf deze gemengde gevoelens beter toestaan en hier met anderen over praten.
Wees voorbereid
Goede informatie over de zwangerschap, de bevalling en het moederschap kan u helpen om u voor te bereiden. Angst en somberheid hebben dan minder kans om vat op u te krijgen.
Het is raadzaam om u dus zo breed mogelijk te laten informeren en eventueel een cursus te volgen. Dit laatste heeft als bijkomend voordeel, dat u in contact komt met andere (aanstaande) moeders, met wie u ervaringen kunt uitwisselen.
Tot slot
Ook een postpartum depressie gaat weer over. Na verloop van tijd ziet alles er weer anders uit, hoe moeilijk u zich dat nu misschien ook voor kunt stellen.
Drs. H.J.M. Smeur (auteur)
Dr. A.A. Vendrig (consulent)