Aarsmaden (oxyuren) zijn wormen die zich in de darm ophouden en voortplanten.
Aarsmaden zijn witte wormpjes. De mannetjes zijn drie millimeter, de vrouwtjes ongeveer een centimeter lang. Ze zien eruit als een klein wit draadje. U kunt ze aantreffen op de ontlasting. Als u deze wormpjes ziet, is de diagnose met zekerheid gesteld.
Kort na het slapengaan kunnen vrouwelijke wormen via de anus (poepgaatje) de darm verlaten om eitjes neer te leggen in de omgeving van de anus.
Het kruipen van de wormpjes kan jeuk geven rond de anus. Jonge kinderen kunnen hiervan schrikken en gaan huilen.
De besmetting gebeurt door inslikken van eitjes. Deze eitjes zijn niet met het blote oog te zien. Wanneer een besmet persoon zich krabt, komen er eitjes aan de vingers.
Van de vingers kunnen deze eitjes terechtkomen op deurknoppen, eetgerei, speelgoed of op iemand anders. En via de deurknop, eetgerei enzovoort kunnen de eitjes weer op de vingers van iemand anders komen. Als deze persoon de vingers dan in de mond steekt, wordt zij of hij besmet.
Kinderen kunnen zichzelf steeds weer besmetten door na het krabben de vingers in de mond te stoppen.
De eitjes veranderen in de dunne darm in larven, die op hun beurt weer naar de dikke darm verhuizen en zich daar ontwikkelen tot volwassen wormen.
Geef de eitjes geen kans om vanaf de anus van een besmet persoon naar een ander persoon (of de mond van de al besmette persoon) te verhuizen.
Belangrijkste maatregel: krab niet bij de anus. Kinderen kunnen zich lang niet altijd beheersen. Wie toch heeft gekrabd, moet zo snel mogelijk de handen grondig wassen.
Was ook de handen na toiletbezoek, vóór het eten en vóór het klaarmaken van eten. Gebruik bij het handenwassen een nagelborstel. Houd de nagels kort. Zorg elke dag voor een schone handdoek op het toilet. Gebruik aparte washandjes voor boven- en onderlichaam. Trek elke dag een schone onderbroek aan.
Maak deurknoppen, toiletbril en speelgoed regelmatig schoon met een sopje, bijvoorbeeld één keer per dag. Was eetgerei zorgvuldig af.
U kunt zelf een wormenkuur kopen bij apotheek of drogist. Het werkzame bestanddeel heet mebendazol. Neem een tablet van 100 mg en twee weken later nog een. De eerste tablet treft de wormen die op dat moment aanwezig zijn, de tweede tablet is bedoeld voor de wormen die intussen uit de eitjes tevoorschijn zijn gekomen. Die tweede tablet is heel belangrijk. U heeft dus voor elke persoon twee tabletten van 100 mg nodig.
De dosering voor kinderen en volwassenen is gelijk, omdat de mebendazol voor 90% of meer in de darm blijft en niet in het lichaam zelf terecht komt.
Voor kinderen jonger dan twee jaar en zwangere vrouwen wordt mebendazol sterk afgeraden. Meestal moet het hele gezin meedoen, ook al is maar één persoon besmet.
Aarsmaden zijn beslist niet ernstig. De wormpjes die rond het poepgaatje of in de vagina kruipen, kunnen jeuk geven. Wanneer iemand zich erg heftig krabt, kan irritatie of ontsteking van de huid ontstaan.
Grote aantallen wormpjes in de darm kunnen aanleiding geven tot wat buikpijn, maar ook dan bestaat er geen gevaar voor de gezondheid.
Meestal lukt het om aarsmaden te behandelen zonder dat er een dokter aan te pas komt. Wanneer dat niet lukt, neem dan contact op met de huisartspraktijk.
Ook wanneer er steeds opnieuw aarsmaden opduiken, is het verstandig om contact op te nemen met de huisarts.
Als u naar de huisartspraktijk gaat, probeer dan een worm te vangen en in een potje mee te nemen, dat helpt om de diagnose zeker te stellen.
Om besmetting vóór te zijn, is hygiëne belangrijk. Was uw handen na toiletbezoek, vóór het eten en vóór het klaarmaken van eten. Gebruik bij het handenwassen een nagelborstel. Houd de nagels kort. Zorg één of twee keer per week voor een schone handdoek op het toilet.
Gebruik aparte washandjes voor boven- en onderlichaam. Trek elke dag een schone onderbroek aan.
Maak deurknoppen, toiletbril en speelgoed regelmatig schoon met een sopje, bijvoorbeeld een keer per week. Was eetgerei zorgvuldig af.
In deze aflevering van de televisiedokter kunt u nog eens rustig alle informatie over aarsmaden bekijken.
R.H. Jamin (auteur)
Dr. P. Fockens (consulent)